Vanaf 23 oktober 1842 moest het Pruisische leger aan een nieuwe hoofdbedekking wennen. In de ambtelijke taal heette ze “helm met spits”, maar in de omgang werd het ding al snel “Pickelhaube” genoemd.

Heinrich Heine dreef er in zijn Deutschland. Ein Wintermärchen de spot mee: “Ja, ja, der Helm gefällt mir, er zeugt / Vom allerhöchsten Witze! /Ein königlicher Einfall war’s! / Es fehlt nicht die Pointe, die Spitze! / Nur fürcht ich wenn ein Gewitter entsteht, / Zieht leicht so eine Spitze / Herab auf euer romantisches Haupt / Des Himmels moderne Blitze!”

Otto von Bismarck draagt een metalen officiershelm van de kurassiers.

Heine had het overigens mis. De nieuwe helm was geen uitvinding van koning Frederik Willem IV, maar ontwikkeld door de metaalwarenfabriek Wilhelm Jaeger in Elberfeld, bij Wuppertal. Met een klep boven de ogen en een scherm voor de nek, en vervaardigd uit metaal, beschermde de helm de hoofden van de kurassiers en maakte hen voor vijandige cavaleristen haast onkwetsbaar.

Enige probleem was dat de metalen helm te zwaar was voor troepen te voet. Men moest dus iets anders bedenken – en dat was dus de spits. Die spits werd op een helm van geperst leder geschroefd. Om langs de spits heen te slaan, zou de vijand heel precies toe moeten slaan. En zelfs dan zou een kleine hoofdbeweging er weer voor zorgen dat de sabel op de spits of de voet van de spits af zou ketsen. Tegelijk woog de spits echter minder dan een metalen helm en was hij goedkoper om te maken en op te slaan.

Blijf op de hoogte van nieuws, opinie en achtergronden: Volg Novini!


De Pickelhaube deed goed dienst. In 1842 werd ze zoals gezegd in Pruisen ingevoerd, in de keizertijd werd het vervolgens de hoofdbedekking van alle Duitse legers. Om te kunnen onderscheiden wie bij welk regiment hoorde, werd de Pickelhaube met bijbehorende metalen emblemen uitgevoerd.

In het buitenland gold de Pickelhaube al snel als symbool voor Pruisen c.q. Duitsland. In de Duitse gebarentaal houdt dat tot op de dag van vandaag stand: De boven het hoofd naar boven wijzende wijsvinger symboliseert de helm met spits en staat in de gebarentaal van veel landen voor “Duits”.

Keizer Wilhelm II, veldmaarschalk August von Mackensen en andere dragen een Pickelhaube met beschermhoes in 1915 (foto: Bundesarchiv).

De Eerste Wereldoorlog bracht het einde voor de Pickelhaube, omdat de aard van de oorlog veranderd was. Man-tot-man-gevechten hadden sterk aan belang ingeboet. Men bleef op afstand, omdat men inmiddels wapens had die ook op grotere afstanden trefzeker waren. Het klassieke slagveld was ingeruild voor de loopgravenoorlog. De Pickelhaube bood nu geen voordeel meer. Het messing beslag reflecteerde licht en verried de helmdragers bij nacht. Zodoende ging men een beschermhoes over de helm dragen. Dat kon echter niet verhinderen dat de hoge spits op de Pickelhaube vaak boven de rand van de loopgraaf uitstak, waardoor te zien was waar de soldaten naartoe liepen. In 1915 beval de legerleiding dan ook dat de helmspitsen bij frontinzet afgeschroefd moesten worden. Wat de helmen minder van nut maakte in de strijd, was dat ze, vanwege een gebrek aan leer, uiteindelijk slechts van karton en vilt gemaakt werden. Dat bood nog minder bescherming tegen granaatscherven. Zodoende werd in 1916 een helm van geperst chroomnikkelstaal ingevoerd, zonder spits.

Jordaanse bereden politie in Petra (foto: Etan J. Tal)

Hoewel de Pickelhaube bij de Duitse strijdkrachten geheel werd afgeschaft, gebeurde dat in sommige andere landen niet. In Chili en Portugal is ze tot op de dag van vandaag onderdeel van het gala-uniform van het garderegiment. In Columbia draagt een militaire kapel Pickelhauben en in Zweden hoort deze helm bij het uniform van de koninklijke lijfwacht. Ook bij de traditiebewuste Britten zijn diverse varianten van de Pickelhaube bewaard gebleven. Zo is de ‘custodian helmet’ van Britse politieagenten verwant aan de Pickelhaube. Hoewel diverse regio’s de helm hebben afgeschaft, is ze in sommige steden nog altijd een vertrouwd onderdeel van het straatbeeld.

Share.

Over de auteur

Jonathan van Tongeren

Jonathan van Tongeren studeerde Internationale Betrekkingen en Slavistiek, was van 2006-2010 secretaris-generaal van het European Christian Political Youth Network (ECPYN) en is eindredacteur van Novini. Verder is hij redacteur bij uitgeverij De Blauwe Tijger.

Comments are closed.