In mei 1969 vond het laatste grotere Amerikaanse grondoffensief van de Vietnamoorlog plaats. Het eindigde in een pyrrusoverwinning voor de Amerikanen en hun bondgenoten en versterkte de oorlogsmoeheid in de Verenigde Staten. 

Tijdens hun spectaculaire Tet-offensief van 1968 hadden de Noord-Vietnamese strijdkrachten en de guerrillastrijders van het Nationale Front voor de Bevrijding van Zuid-Vietnam (Vietcong) de A-Shau-vallei in het grensgebied tussen Laos en Zuid-Vietnam gebruikt om op te trekken. Van hieruit vielen ze onder andere de Amerikaanse bases in Hue en Da Nang aan.

Zuiveringsacties

Daarop voerden de Amerikanen en eenheden van het Zuid-Vietnamese leger tussen april 1968 en maart 1969 twee “zuiveringsacties” uit, om de controle over de vallei veilig te stellen. Deze mislukten echter. Derhalve gaf de commandant van het Amerikaanse XXIV Korps, generaal Richard G. Stilwell, uiteindelijk het bevel tot een groter opgezet grondoffensief in de regio.

Blijf op de hoogte van nieuws, opinie en achtergronden: Volg Novini!


In het kader van deze ‘Apache Snow’ genoemde operatie moesten drie infanteriebataljons van de 101 Luchtlandingsdivisie ‘Screaming Eagles’ en twee bataljons van de 1 Infanteriedivisie van het Zuid-Vietnamese leger ingezet worden – al met al zo’n 1800 man. Een centrale rol in het offensief speelde een groep heuvels met de naam Dong Ap Bia. Deze bestaat uit verschillende bijna 100 hoge bergruggen, die door regenwoud en bamboebegroeing bedekt zijn. Daar vermoedden Amerikaanse verkenners sterke vijandelijke weerstand.

Noord-Vietnamese elite-eenheid

En inderdaad lagen hier 1500 soldaten van het Noord-Vietnamese 29 Infanterieregiment ‘Trots van Ho Chi Minh’ in dekking in talrijke, goed uitgebouwde en gecamoufleerde stellingen boven de bodem van het A-Shaudal. De elite-eenheid onder het beval van kolonel Ma Vinh Lan had aan de aanval op Hue deelgenomen en had veel ervaring met man-tot-man-gevechten.

Honeycutt

Niettemin meende luitenant-kolonel Weldon Honeycutt, de commandant van het 3 Bataljon van het 187 Infanterieregiment, dat hij de als bijzonder strategisch geldende heuvel 937 met zijn manschappen zonder verdere ondersteuning in kon nemen en de vijand voor zijn terugtocht naar Laos zou kunnen vernietigen. Dus zond de protegé van generaal William Westmoreland, de eerdere opperbevelhebber van de Amerikaanse troepen in Vietnam, op 11 mei 1969 alle vier compagnieën onder zijn bevel met helikopters in de richting van de heuvel.

Landingszone

Deze kwamen echter al bij het bereiken van de beoogde landingszone zwaar onder vuur van de Noord-Vietnamezen. Het gevolg was een heftig meerdaags vuurgevecht. Hierin raakten al snel ook de andere vier bataljons van de Amerikaanse en Zuid-Vietnamese strijdkrachten betrokken, terwijl de Noord-Vietnamezen over de Ho Chi Minh-route door Laos versterking lieten komen.

Moeilijk terrein

Door het zeer moeilijke terrein en de uitstekend georganiseerde weerstand van hun vijand, kwamen de Amerikaanse soldaten in een steeds benarder positie. Veel van hun helikopters werden met geleide raketten of anti-tankwapens afgeschoten. De inzet van Amerikaanse artillerie en luchtmacht bleef echter grotendeels zonder effect of leidde door de compactheid van het slagveld zelfs tot verliezen in de eigen rangen. Zo werd Honeycutts bataljon niet minder dan vijf maal door gevechtshelikopers van het type Bell AH-1 ‘Cobra’ aangevallen, waarbij er zeven doden en 53 gewonden vielen.

Hamburger Hill

Het meest huisgehouden werd er echter door de Noord-Vietnamese mortieren, waarvan de granaten de aanvallers aan stukken reten. Ze maakten zogezegd gehakt van de Amerikaanse soldaten. Zodoende gingen de Amerikaanse soldaten heuvel 937 uiteindelijk Hamburger Hill noemen. Deze naam werd door de pers opgepikt, die vanaf 18 mei zeer kritisch over de uitputtingsslag berichtte.

De eerzuchtige Honeycutt (de ondergrondse soldatenkrant GI Says zou later een beloning van 10.000 dollar op zijn hoofd zetten) wilde de strijd zelfs nog voortzetten, toen reeds 60 procent van zijn ondergeschikten gevallen was of zwaar gewond, waaronder twee van de vier compagniecommandanten en acht van de twaalf pelotonscommandanten. Dit bracht de commandant van de 101 Luchtlandingsdivisie, generaal-majoor Melvin Zais ertoe Honeycutt naar zijn reserveafdeling over te plaatsen.

Finale bestorming

Niettemin nam zijn sterk uitgedunde 3 bataljon aan de finale bestorming van Hamburger Hill deel. Die vond plaats op 20 mei 1969. Nog altijd onduidelijk is wie de top nu eigenlijk veroverde. Volgens de officiële versie waren het de overlevenden van Honeycutts eenheid. Maar volgens latere uitspraken van generaal Creighton W. Abrams, opvolger van Westmoreland als opperbevelhebber van de Amerikaanse troepen in Vietnam en naamgever van de Abrams-tank, bereikte een Zuid-Vietnamese eenheid de top reeds twee uur voor de Amerikanen. Deze zou echter teruggehaald zijn, omdat er een artilleriebeschieting plaats zou vinden. Dit voedt de gedachte dat de Amerikanen de overwinning om propagandaredenen geheel op eigen conto wilden schrijven.

Generaal Abrams bespreekt de situatie in Vietnam met president Lyndon Johnson op het Witte Huis, 29 oktober 1968.

Pyrrusoverwinning

Al met al was het echter geen propagandasucces. Het was de Amerikanen en Zuid-Vietnamezen weliswaar gelukt in het tiendaagse gevecht minstens 630 vijandelijke troepen te doden, maar tegen de prijs van meer dan honderd doden en meer dan 400 zwaar gewonden in de eigen rangen. Bovendien had de Amerikaanse luchtmacht 272 ondersteunende vluchten moeten maken, die al met al 450 ton bommen 69 ton napalm afwierpen. En dat alles om een heuvel in te nemen die Zais’ opvolger enkele weken later, op 5 juni 1969 al weer zou laten ontruimen.

Ook uit de rest van de A-Shauvallei trokken de Amerikaanse troepen zich al snel weer terug. De in het volgende jaar uitgevoerde operatie ‘Texas Star’ om de regio weer onder controle te brengen, werd een compleet fiasco. Daarop waagden de Noord-Vietnamezen het zelfs om een verharde weg door de vallei aan te leggen, die tijdens het succesvolle Paasoffensief van 1972 van bijzondere strategische betekenis zou blijken.

Politieke gevolgen

Hoewel de slag om Hamburger Hill militair met een sisser afliep, waren de politieke gevolgen des te groter. Na het bekend worden van de verliezen, nam de steun voor de Vietnamoorlog onder het Amerikaanse publiek verder af. De toenemende oorlogsmoeheid in de VS leidde uiteindelijk tot terugtrekking uit Vietnam, de zogenaamde vietnamisering van de Vietnamoorlog, de instorting van het Zuid-Vietnamese regime en de vereniging van Vietnam. Zo werd het bloedbad van mei 1969 uiteindelijk een belangrijk keerpunt in de Vietnamoorlog.

Steun Novini!

Doe een donatie aan Novini en blijf nieuwe bijdragen mogelijk maken!

Doneer nu!

 

Over de auteur

Jonathan van Tongeren

Jonathan van Tongeren studeerde Internationale Betrekkingen en Slavistiek, was van 2006-2010 secretaris-generaal van het European Christian Political Youth Network (ECPYN) en is eindredacteur van Novini. Verder is hij redacteur bij uitgeverij De Blauwe Tijger.