60 jaar geleden werd de Baskische ETA als separatistische gewapende groepering in Spanje opgericht. Ze ontwikkelde zich al snel tot een vooral terroristisch actieve organisatie. Door haar aanslagen verloor ze uiteindelijk iedere steun onder de Baskische bevolking.

De Basken zijn een van de oudste volkeren van Europa en wonen al millennia in het gebied ten zuidoosten van de Golf van Biskaje. Met het koninkrijk Pamplona vestigden ze in de 9e eeuw hun eerste eigen staat, die echter in 1076 ophield te bestaan. Sindsdien stond het overgrote deel van het Baskenland onder Spaanse heerschappij.

Baskische Nationalistische Partij

Ofschoon de Basken, die zichzelf Euskaldunes noemen, steeds naar zelfstandigheid streefden, duurde het tot 1895 voor in de persoon van de sociaaldemocraat Sabino Arana Goiri een Baskische politicus de onafhankelijkheid van het Baskenland eiste en daartoe een Baskische Nationalistische Partij oprichtte. De Eusko Alderdi Jeltzalea/Partido Nacionalista Vasco (EAJ/PNV) zette op vreedzame en democratische middelen in.

Blijf op de hoogte van nieuws, opinie en achtergronden: Volg Novini!


Gewapende splintergroeperingen groeien uit tot gewapende arm

Dat kon echter niet op de instemming van alle Basken rekenen. Zo ontstonden er al rond 1920 de eerste radicalere, tot gewelddadige actie bereide splintergroeperingen van de EAJ-PNV, zoals de studentenvereniging Aberri. In 1934 ontstond er een regelrechte militante vleugel van de Baskenpartij, Jagi-Jagi genaamd. Samen met Aberri ageerde deze in de Spaanse Burgeroorlog aan de zijde van de Republikeinse tegenstanders van de latere dictator Francisco Franco.

Ondergronds onder Franco

Na Franco’s overwinning in het voorjaar van 1939 werd de intussen gevormde zelfstandige regering van het Baskenland ontbonden en de EAJ-PNV en zijn gewapende arm verboden. Zo kwam het dat de Baskische onafhankelijkheidsstrijders ondergronds gingen. Zo leverden ze tot 1957 gewapend verzet tegen het franquistische bewind. Daarna kwam het tot een compromis tussen de caudillo en de EAJ-PNV, die daarop weer toegelaten werd.

Verschillende radicale groepen vormen samen de ETA

Nu sloeg het uur van de links-nationalistische groeperingen van de Basken, zoals de voormalige jongerenorganisatie van de EAJ-PNV Euko Gaztedi Indarra (EGI). Deze had zich al in 1953 losgemaakt van de moederpartij, omdat ze die niet radicaal genoeg vond. Samen met studenten van de Jezuïeten-universiteit van Bilbao richtten enkele leden van de EGI alsmede van de Ekin, een eveneens separatistische en links-nationalistische groepering die vooral studenten en arbeiders bestond, op 31 juli 1959 de organisatie ‘Euskadi ta Askatasuna’ (Baskenland en Vrijheid, ETA) op.

ETA zet gewapende strijd voort

Belangrijke spelers daarbij waren José Luis Alvarez Enparantza alias ‘Txillardegi’, Eneko Irigaray, José María Benito del Valle en Julen Madariaga. Ter gelegenheid van de feestdag van Ignatius van Loyola, stichter van de Jezuïeten en van Baskische afkomst, en van de 64e verjaardag van de oprichting van de EAJ-PNV, schreven ze een programmatische brief aan de prominente Baskische politicus in ballingschap Jesús María Leizaola. Daarin bekritiseerden ze de verzoeningskoers van de EAJ-PNV en kondigden de voortzetting van de gewapende strijd tegen Franco aan.

Marxistisch-leninistische ETA beoogt socialistisch Baskenland

De ETA keerde zich tegen de zogezegd racistische ideologie van Sabino Arana en stelde hier een eigen marxistisch-leninistische agenda tegenover. De nagestreefde onafhankelijke Baskenstaat moest een socialistische zijn. Dat stond onder andere te lezen in het in 1962 uitgegeven manifest van de ETA, waarin ook het gebruik van terroristisch geweld in de nationale bevrijdingsstrijd verdedigd werd.

Banden met andere organisaties

Gezien deze oriëntatie mag het niet verwonderen dat de ETA banden aanknoopte met vergelijkbare ondergrondse organisaties in andere landen, zoals de IRA, de Algerijnse ALN, het Colombiaanse FARC of de Italiaanse Brigate Rosse. Daarnaast werkte ze met het oog op het verkrijgen van wapens en explosieven met de mafia en Latijns-Amerikaanse drugskartels samen. Desalniettemin genoot de ETA als spits van de strijd tegen de ‘fascist’ Franco aanvankelijk veel sympathie in binnen- en buitenland.

Iers-Republikeinse muurschildering in Belfast (foto: Ardfern)

Terroristische aanslagen

Dat veranderde in de loop van de tijd, vanwege de steeds wredere terroristische aanslagen. Het begon om 18 juli 1961 met een mislukte aanslag op een trein met Franco-aanhangers. Later ontketende de ETA een regelrechte guerrilla-oorlog. Die begon op 7 juni 1968 in Villabona met het doodschieten van de verkeersagent José Pardines en culmineerde uiteindelijk op 20 december 1973 in de gelukte bomaanslag op de Spaanse regeringsleider en beoogde Franco-opvolger admiraal Luis Carrero Blanco.

Splitsing: deel accepteert amnestie, harde kern gaat door

Met het einde van het Franco-bewind in 1975 en de overgang naar de democratie kwam het tot een splitsing van de ETA. Het grootste deel van de leden accepteerde de aangeboden amnestie en werd actief in de legale politieke partij Euskadiko Ezkerra (Links van het Baskenland). De harde kern zette de terroristische activiteiten echter door. En dit zelfs nog nadat het Baskenland op 22 december 1979 verregaande autonomie kreeg.

Steeds drastischer aanslagen

Daarop begonnen Grupos Antiterroristas de Liberación in geheime operaties op te treden tegen de nog resterende circa 200 ETA-strijders. De ETA voerde in reactie hierop uit wraak steeds drastischer aanslagen uit, zoals die van 19 juni 1987 op een supermarkt in Barcelona, waarbij 21 onschuldige burgers omkwamen. Dit kostte de ETA veel steun in de samenleving. Het aanzien van de ETA liep een nog grotere deuk – ook onder Basken en voormalige aanhangers – op, toen het in juli 1997 de conservatieve jonge lokale politicus Miguel Ángel Blanco ontvoerde en executeerde. Nu gingen miljoen mensen in heel Spanje de straat op.

Wapenstilstanden en opheffing van de ETA

De nu vrijwel geheel alleen staande ETA kondigde vanaf september 1998 herhaaldelijk wapenstilstanden af, die ze echter steeds weer verbrak. Pas de wapenstilstand van 5 september 2010 bracht daadwerkelijk een definitief einde aan het terrorisme. Daarvan waren tot dan toe meer dan achthonderd mensen het slachtoffer geworden – waaronder 342 burgers, die simpelweg op het verkeerde moment op de verkeerde plaats waren. Voor hun moord, maar niet voor die van vertegenwoordigers van de Spaanse staat, verontschuldigde de ETA zich, voor ze op 2 mei 2018 bekendmaakte zichzelf op te heffen.

Steun Novini!

Doe een donatie aan Novini en blijf nieuwe bijdragen mogelijk maken!

Doneer nu!

 

Over de auteur

Jonathan van Tongeren

Jonathan van Tongeren studeerde Internationale Betrekkingen en Slavistiek, was van 2006-2010 secretaris-generaal van het European Christian Political Youth Network (ECPYN) en is eindredacteur van Novini. Verder is hij redacteur bij uitgeverij De Blauwe Tijger.