“Houston, Tranquility Base here, the Eagle has landed.” Toen Wernher von Braun op 21 juli 1969 de woorden van de Amerikaanse astronaut Neil Armstrong hoorde – waarmee deze de aan de buis gekluisterde mensheid meedeelde, dat er voor het eerst een mens voet had gezet op een ander hemellichaam – wist hij dat hij zijn levensdoel bereikt had. Het was een eindpunt van een weg die hij 40 jaar eerder in Duitsland was ingeslagen.

In de vroege jaren ’20 begonnen meerdere jonge wetenschappers in Duitsland zich voor het gebruik van raketten als ruimtevaartuigen te interesseren. Eén van hen was de in 1912 geboren Von Braun, destijds nog mechanica-student. In Kummersdorf, zo’n 25 kilometer ten zuiden van Berlijn, experimenteerde het Heereswaffenamt onder leiding van kapitein Walter Dornberger, een ervaren artillerist en machinebouw-ingenieur, met raketmotoren. De eerste successen die daar behaald werden leidden tot een opleving van de raketontwikkeling.

In het voorjaar van 1936 werd een locatie gevonden voor het toekomstige Duitse Raketonderzoekscentrum: het kleine, afgelegen dorp Peenemünde op het eiland Usedom in de Oostzee.De eerste opdracht van de proeflocatie was het ontwikkelen van de volgende generatie raketten met vloeibare brandstof. Na vele mislukte lanceringen bereidde het leger in 1938 de bouw van een langeafstandraket voor die minstens 300 kilometer moest kunnen afleggen, het zogenoemde ‘Aggregat 4’, afgekort A4.

Voorbereidingen voor de lancering van een A4 in Peenemünde, maart 1942 (foto: Bundesarchiv)

Aan het begin van de oorlog kende de Wehrmacht de hoogste urgentiegraad toe aan het A4-project. De op raketten met vloeibare brandstof gepromoveerde ingenieur Wernher von Braun werd als burger technisch directeur in Peenemünde. Op dat moment was de ‘Heeresversuchsanstalt’ het modernste en meest ontwikkelde raketonderzoekscentrum ter wereld. Begin 1940 werkten er meer dan 18.000 medewerkers dag en nacht aan de ontwikkeling van de A4.

Na veel problemen en mislukkingen kwam 3 oktober 1942. Op deze dag moest het lukken. En daadwerkelijk steeg op die dag de raket zonder problemen op, om na het bereiken van een hoogte van 84 kilometer weer terug naar de aarde te komen en sneller dan het geluid weer uit het zicht te verdwijnen. Deze succesvolle raketvlucht was een doorbraak.

Voor het eerst had de mens het grensgebied van de aardatmosfeer naar de ruimte bereikt. Dit was het begin van een nieuw tijdperk in de techniek, het begin van de ruimtevaart. Wernher von Braun was duidelijk over waar zijn belangstelling lag: “Ik wil niet naar Londen, ik wil naar de maan.”

De politieke en militaire leiding was echter veel meer in de militaire inzetbaarheid van de raketten geïnteresseerd dan in hun nut voor de ruimtevaart. Zo werd de A4 als eerste ballistische raket tot een prototype voor de grote langeafstandsraketten met een springlading, die in het taalgebruik van de Duitse propaganda al snel als ‘Vergeldingswapen 2′, kort: V2, bekend werd.

Eind 1943 werden de richtlijnen voor de raketproductie aanzienlijk opgeschroefd. Ofschoon de productie uitsluitend in onderaardse productielocaties in de Harz plaats vond, moesten er vanaf dat moment 2.000 raketten per maand geproduceerd worden. Dit aantal werd ondanks de inzet van een grote hoeveelheid dwangarbeiders nooit bereikt. Al met al konden tussen januari 1944 en maart 1945 slechts 6.000 raketten afgeleverd worden. Vanaf augustus 1944 bereikte de productie met 600 raketten per maand zijn hoogste niveau.

Een onderneming van deze omvang leidde al snel tot jaloezie bij de SS. De inmiddels tot generaal-majoor en leider van de Heeresversuchsanstalt opgeklommen Dornberg was er lange tijd in geslaagd om de partij en haar geledingen buiten het raketprogramma te houden. In februari 1944 ondernam Heinrich Himmler een vergeefse poging Von Braun te verleiden tot het voortzetten van zijn werk onder leiding van de SS. Drie weken later werden Von Braun en enkele van zijn collega’s door de Gestapo in hechtenis genomen en ervan beschuldigd zich meer voor de ruimtevaart dan voor de ontwikkeling van een wapen te interesseren, wat overigens klopte. In de hierop volgende machtsstrijd tekende zich al snel een nederlaag voor de raketonderzoekers en het leger af. Uiteindelijk kreeg de SS de volledige controle over het hele raketproject.

Blijf op de hoogte van nieuws, opinie en achtergronden: Volg Novini!


In de vroege avond van 8 september 1944 veroorzaakten een onheilspellende gedonder en een zware explosie opschudding in de westelijke stadsdelen van Londen. De inwoners waren inmiddels gewend aan Duitse bommen en ook aan de ‘vliegende bom’ V1. Ditmaal hadden ze echter noch de luchtalarmsirenes, noch de motoren van Duitse bommenwerpers, noch het karakteristieke geluid van de motor van een V1 gehoord. Deze eerste inslag van een V2 betekende een cesuur in de militaire geschiedenis, het begin van het Duitse raketoffensief. Tot aan het einde van de oorlog werden zo’n 2500 raketten afgevuurd op Londen en Antwerpen.

Lancering van een aangepaste A4 vanaf Cape Canaveral, 24 juli 1950

In februari 1945 verlieten 500 raketonderzoekers Peenemünde en gaven zich uiteindelijk in april in Beieren aan Amerikaanse troepen over. Die zagen meteen welke enorme wetenschappelijke kundigheid en ervaringen hun gevangenen bezaten en welke onschatbaar waardevolle oorlogsbuit hen met de productielocaties in de Harz in handen gevallen was. Von Braun en zijn collega’s kregen het aanbod hun werk in de Verenigde Staten voort te zetten. Aangezien slechts weinigen het aanbod afwezen om vanuit het door oorlog vernielde Duitsland naar het ‘land van de onbegrensde mogelijkheden’ te emigreren, begaven zich 492 wetenschappers naar Amerika.

Voor meer dan 20 jaar zouden de Duitse wetenschappers de ruggengraat vormen van het Amerikaanse raketonderzoek. Al in 1946 stelden ze met een vanaf de proeflocatie in White Sands gelanceerde V2 een nieuw hoogterecord van 122 kilometer. Slechts 23 jaar later had Von Braun zijn levensdoel bereikt: De door hem ontwikkelde ‘Saturnus V’ bracht de eerste mens op de maan.

De wetenschappers in Peenemünde hadden de weg naar de moderne ruimtevaarttechnologie gebaand en alle ruimtevaartprojecten na de oorlog, zowel in het westen als het oosten bouwden op een of andere wijze voort op wat in Peenemünde bedacht en getest was.

Share.

Over de auteur

Jonathan van Tongeren

Jonathan van Tongeren studeerde Internationale Betrekkingen en Slavistiek, was van 2006-2010 secretaris-generaal van het European Christian Political Youth Network (ECPYN) en is eindredacteur van Novini. Verder is hij redacteur bij uitgeverij De Blauwe Tijger.

Comments are closed.