Adolf Hitler was buiten zichzelf van woede. Het is 1 februari 1943 en in het hoofdkwartier Wolfsschanze wordt de militaire situatie aan het oostfront besproken. Zojuist heeft de ‘Führer’ te horen gekregen dat de opperbevelhebber van het 6. leger, de juist tot veldmaarschalk bevorderde generaal Friedrich Paulus, met de restanten van zijn verslagen strijdmacht gecapituleerd heeft.

Op 10 augustus 1942 had de Duitse voorhoede de buitenwijken van de metropool aan de Wolga bereikt, een week later gaf generaal Paulus het bevel om tot de aanval over te gaan. De Wolga werd snel bereikt, waarop het Sovjet-opperbevel de staat van beleg afkondigde. In het midden van het front konden de Duitsers de doorbraak bewerken, maar vervolgens namen de laatste Russische reserves de vaart uit de aanval. De Duitse opmars kwam tot stilstand.

Vasili Tsjoejkov

Op 4 oktober liet Paulus nog een aanval uitvoeren, om Stalingrad volledig in bezit te nemen en het Rode Leger van de rechter Wolga-oever te verdrijven. Maar de weerstand van het 62. leger onder generaal Vassili Tsjoejkov in de straten en urban canyons was verbeten. Grote manoeuvres waren niet meer mogelijk en het 6. leger spatte uiteen in kleine gevechtseenheden op stoottroepniveau, die zich afmatten in gevechten van huis tot huis. Nauw met de vijand verwikkeld in het ruïnelandschap, moest iedere vierkante meter duur gekocht worden. Desalniettemin waren eind oktober negen tienden van de stad in Duitse hand.

Blijf op de hoogte van nieuws, opinie en achtergronden: Volg Novini!


De bijna volledige inname van Stalingrad was echter een pyrrusoverwinning, want de Duitse divisies waren uitgeput. De aanvoerlijnen waren te lang en Hermann Göring kon zijn volmondige toezegging Stalingrad via de lucht te bevoorraden niet in daden omzetten. De basisregel volgend dat de logistiek de operatieve handelingsspeelruimte bepaalt, begon de catastrofe voor de Duitsers zich reeds af te tekenen. De Sovjets konden daarentegen hun verliezen aanvullen en verse reserves aanvoeren. Tegenover de Duitse Heeresgruppe B onder generaal Maximilian von Weichs met het 6. leger in het midden stonden uiteindelijk drie Sovjet-legergroepen. Alles wees op een massieve Russische tegenaanval.

Op 19 november begon het Rode Leger zijn grote offensief met een geweldig bombardement uit 3500 vuurmonden. Ten noordwesten en ten zuiden van Stalingrad doorbrak het Rode Leger de linies aan de vrijwel open Duitse flanken, die slechts door twee zwakke Roemeense legers gehouden werden. Enkele dagen later sloten de Sovjet-legergroepen bij Kalatsj de omsingeling. Het 6e leger en de Roemeense en Italiaanse eenheden die onder het bevel daarvan stonden waren ingesloten.

Generaal Paulus (rechts naast Hitler) bij een bespreking van de situatie aan het oostfront in juni 1942 (foto: Bundesarchiv)

Paulus was van plan geweest zijn troepen nog voor de voltooiing van de omsingeling te laten terugvallen op het front van voor de zomer – hij beschikte nog over 100 tanks, 1800 stuks geschut en 10.000 voertuigen, maar Hitler gaf bevel Stalingrad te houden. Verder zegde hij ontzetting toe en beloofde de ingesloten troepen via de lucht te bevoorraden.

Op alle niveaus in de commandostructuur van de Wehrmacht werd de situatie zo beoordeeld dat de uitbraak uit de omsingeling en daarmee het opgeven van Stalingrad noodzakelijk was. Hitler had echter nooit in operatieve categorieën leren denken en hield vast aan zijn idee van het onvoorwaardelijk houden van een eenmaal ingenomen ruimte. Hij zag niet in dat ruimte slechts een operatieve grootheid is en dat de tegenstander slechts met genoeg slagkracht verslagen kan worden. De slagkracht die voorhanden was dreigde nu echter in Stalingrad zinloos opgeofferd te worden. Paulus zwichtte echter voor het bevel van hogerhand en hoopte op ontzetting.

In deze kritieke situatie kreeg veldmaarschalk Eric von Manstein het opperbevel over de nieuw gevormde Heeresgruppe Don. Op 12 december leidde hij zijn troepen vanuit de omgeving van Kotelnikovo in een ontzettingsaanval naar Stalingrad. Tijdens deze aanval kwamen de tanks van het 4. Pantserleger van generaal Hermann Hoth tot 48 kilometer van de stad, tot ze onder sterke druk van de vijand terug moesten keren.

De bevoorrading via de lucht lukte niet. Het ingesloten leger kreeg nauwelijks nog bevoorrading, de verliezen door ondervoeding en koude namen dramatisch toe. Hitler weigerde echter nog altijd in te stemmen met een reeds voorbereide uitbraak van het gehele 6. leger als laatste mogelijkheid voor de redding van de troepen.

Paulus vond in deze uitzichtloze situatie echter niet de kracht tot ongehoorzaamheid en hield in de belegerde stad stand. Op 9 januari 1942 boden de Russische bevelhebbers Paulus de eervolle capitulatie aan, die hij afwees aangezien zijn leger nog altijd meerdere Sovjet-legers bezighield en zo de bedreigde zuidelijke vleugel van het oostfront stabiliseerde.

Daarop begon de volgende dag de laatste akte van de tragedie. Net als vijf maanden eerder werd de binnenstad tot slagveld, met dat verschil dat nu de Duitsers in de ruïnes zaten en de Russen van buiten binnendrongen. Het 6. leger werd in tweeën gedeeld. Paulus, die nu bevelhebber van de omsingelde Duitsers in het zuiden van de stad was, richtte zijn commandopost in de kelder van het warenhuis Univermag in en maakte zich op voor de laatste slag.

Veldmaarschalk Paulus (links) gaat in krijgsgevangenschap (foto: Bundesarchiv).

Op 30 januari beval Hitler nog eens “heldhaftig standhouden” en bevorderde Paulus tot veldmaarschalk in de hoop dat een veldmaarschalk zich nooit over zou geven. Paulus kwam echter tot de erkenning dat zijn leger definitief verslagen was. De volgende morgen verzamelde hij zich officieren en gaf hij het bevel de wapens neer te leggen. Op dat moment stonden de vijandige stoottroepen al voor de deur van zijn commandopost.

Twee dagen later capituleerde ook de kleinere omsingelde groep Duitsers in het noorden onder het commando van generaal Karl Strecker. De slag om Stalingrad was beëindigd. Paulus ging met bijna 100.000 man de zware weg van de krijgsgevangenschap. Zijn leger had de opdracht, om sterke Sovjet-krachten te binden en daardoor het Rode Leger de doorbraak naar de Zwarte Zee te ontzeggen, vervuld. Tot op het laatst had het met slechts 22 divisies zeven Sovjet-legers met 147 grotere eenheden gebonden – een niet geringe militaire prestatie.

Maar de prijs was hoog: Van de oorspronkelijk 250.000 man, konden 42.000 gewonden en ernstig zieken geëvacueerd worden. Sinds het begin van het grote offensief van de Sovjets waren al meer dan 16.000 man in gevangenschap geraakt. Noch eens 91.000 gingen met de capitulatie in gevangenschap, daaronder 24 generaals. De rest bleef op het slagveld, gesneuveld of overleden door zware verwondingen, ziekte, bevriezing en honger. De tragedie van Stalingrad was niet alleen een militair keerpunt in de oorlog, het markeert vooral een psychologisch kantelpunt voor de Duitsers.

Het militaire gebeuren rond Stalingrad moet niet alleen vanwege de betekenis van deze historische gebeurtenis als zodanig herinnerd worden. Er zijn ook lessen uit te trekken voor vandaag. Een van de belangrijkste daarvan is dat er een morele verantwoordelijkheid is die met de beschikking over militaire middelen gepaard gaat. Deze omvat het besef van de uitwerkingen van het eigen handelen, de zorg voor de troepen, de beheersing van het militaire instrumentarium en de proportionele inzet van vernietigende middelen. Zonder het principe van de onmisbare militaire gehoorzaamheid ter discussie te stellen, ontslaat dit de militaire leider niet van de plicht eigen maatstaven aan te leggen, te erkennen dat het eigen handelen mede bepaald wordt door een voortdurend aanpassingsproces aan de situatie, waarbij de eigen besluitvorming ook aangepast wordt aan een buitengewone situatie waarin nog altijd een redelijke verhouding van militaire kosten en baten getroffen moet kunnen worden.

Paulus heeft echter gekozen voor onvoorwaardelijke gehoorzaamheid en zich uiteindelijk met een loyaliteitsverklaring aan zijn Führer in de krijgsgevangenschap afgemeld. Hitler heeft uit ideologische verblinding tienduizenden zinloos geofferd. Hun lot was hem om het even. Sterker nog: Toen het 6. leger ten onder ging, had de opperste bevelhebber van de Wehrmacht zich reeds van het leven benomen. In plaats van naar zijn generaals te luisteren en de soldaten in Stalingrad voor de ondergang te bewaren, bezwoer de zelfverklaarde “grootste veldheer aller tijden” de helden van de Oudheid.

Zoals eens de Spartanenkoning Leonidas met nog slechts 300 krijgers de pas van Thermopylae tegen de overmachtige Perzen verdedigde tot de eigen volledige vernietiging, zo moest ook Paulus met zijn verslagen leger tot de laatste man vechten. Van het Thermopylae aan de Wolga zou uiteindelijk slechts 6.000 man terugkeren naar Duitsland.

Steun Novini!

Doe een donatie aan Novini en blijf nieuwe bijdragen mogelijk maken!

Doneer nu!

 

Over de auteur

Jonathan van Tongeren

Jonathan van Tongeren studeerde Internationale Betrekkingen en Slavistiek, was van 2006-2010 secretaris-generaal van het European Christian Political Youth Network (ECPYN) en is eindredacteur van Novini. Verder is hij redacteur bij uitgeverij De Blauwe Tijger.