Zelfs in de kritische geschiedwetenschap geldt Hendrik de Vogelaar doorgaans nog als eerste koning van het Duitse Rijk. Vast staat dat de grondlegger van de dynastie van de Ottonen in mei 919 in de koningspalts Fritzlar door Franken en Saksen als koning aangewezen werd.

Hendrik de Vogelaar zittend onder een boom (Ottokar Walter, 1853-1904)

Hendrik de Vogelaar zittend onder een boom (Ottokar Walter, 1853-1904)

Bij Quedlinburg zou de Saksische hertog net aan het vogelen zijn geweest, toen hem het nieuws bereikte dat hij tot koning van het Oost-Frankische Rijk gekozen was. Zo luidt de legende althans. Aangezien vogelen anders dan jagen meer iets voor boeren dan voor edelen was, impliceert deze legende dat Hendrik de Vogelaar zich niet boven het volk verheven voelde.

Sowieso gaat het om een tijd waarover maar weinig bronnen beschikbaar zijn. De geboorte van Hendrik I wordt gedateerd rond het jaar 876/77. Hij stamde uit het geslacht van de Liudolfingen. Na de dood van zijn vader Otto in 912 volgde hij hem op als hertog van Saksen. Van zijn eerste vrouw Hatheburg had hij zich in 909 gescheiden, hij behield echter haar omvangrijke goederen.

Blijf op de hoogte van nieuws, opinie en achtergronden: Volg Novini!


Een tweede huwelijk sloot hij met Mathilde, uit het nageslacht van de Saksische leider Widukind, die eind 8e eeuw de strijd tegen Karel de Grote aanvoerde. Aan de later als heilige vereerde koningin is een twee versies voorliggende levensbeschrijving gewijd, waarbij de eerste kort na haar dood ontstond. Een vergelijkbaar biografisch werk dat zich uitdrukkelijk met haar historisch belangrijkere man bezighoudt, is er niet.

Lodewijk het Kind

Toen in september 911 Lodewijk IV het Kind stierf, was daarmee de lijn van de Oost-Frankische Karolingen uitgestorven. Als nieuwe koning werd een Frank, Koenraad I gekozen, die in het Rijk echter over weinig doorzettingsmacht bleek te beschikken. Verschillende middeleeuwse geschiedschrijvers overleveren dat het zijn uitdrukkelijke wens was dat de hertog van Saksen, met wie hij eerder juist een conflict had gehad, hem op zou volgen. Eind 918 zou hij er op zijn sterfbed bij zijn jongere broer Eberhard en de Frankische groten op aangedrongen hebben Hendrik tot koning te kiezen en de regalia te overhandigen. Op de stemmen van de Saksen kon Hendrik ook rekenen. Ruim een eeuw eerder had Karel de Grote de Saksen aan zich onderworpen en nu werd voor het eerst een Saks koning van het oostelijke deel van zijn rijk.

Burchard van Zwaben en Arnulf van Beieren

De hertogen van de beide andere grote gebieden in het Oost-Frankische Rijk, Burchard van Zwaben en Arnulf van Beieren, moesten door Hendrik eerst tot erkenning van zijn suzereiniteit bewogen worden. Arnulf voerde zichzelf zelfs als tegenkoning op. Dit conflict werd in 921 definitief bijgelegd. Daarbij zette de nieuwe koning binnen het rijk al met al minder in op gewapende confrontaties.

De mediëvist Bernhard Jussen oordeelt over Hendrik de Vogelaar: “Kernstuk van zijn relatief conflictarme heerschappij zijn ‘vriendschappen’ (amicitiae) met de edellieden, oftewel een veeleer collegiale dan overheersende invulling van deze verhouding.” Wellicht moet het ook in deze samenhang gezien worden, dat Hendrik het na zijn verkiezing tot koning afwees om door aartsbisschop Heringer van Mainz gekroond en gezalfd te worden. 

Lotharingen

Hendrik deinsde er overigens ook weer niet voor terug om vriendschapsbanden en verdragen in het belang van zijn heerschappij te verbreken. Met de West-Frankische koning Karel de Eenvoudige had hij in september 921 het Verdrag van Bonn gesloten. Dit schond Hendrik toen hij in 923 met Karels concurrent Robert een vergelijkbaar verdrag sloot. Een van de gevolgen van de machtsstrijd in het West-Frankische gebied, waarbij ook Hendrik veldtochten ondernam, was dat Lotharingen als hertogdom in 925 weer bij het Oost-Frankische Rijk kwam.

Deling van het Frankische Rijk bij het Verdrag van Verdun

Militaire successen

Militair succes behaalde Hendrik de Vogelaar tegen Bohemen, dat schatplichtig werd. De in die tijd ontstane Saksenkroniek vermeldt dat Hendrik in 934 koning Knut van de Denen, die het gebied van de Friezen geplunderd hadden, versloeg en liet dopen. In maart 933 had hij in de slag bij Riade reeds de Hongaren verslagen, die keer op keer het rijk waren binnengevallen. Een vredesverdrag in 919 had weliswaar tot gevolg gehad dat er jaarlijks omvangrijke betalingen aan hen gedaan moesten worden, tegelijk had het de Duitsers echter in staat gesteld zich voor te bereiden op een uiteindelijk succesvolle afweer.

Hendrik I strijdt tegen de Hongaren, Saksische Wereldkroniek, circa 1270

Hendrik I strijdt tegen de Hongaren, Saksische Wereldkroniek, circa 1270

De tot de regalia insignia behorende heilige lans, die een stuk van een spijker van het kruis van Christus zou bevatten, werd door Hendrik verworven, evenals andere relikwieën. Het meevoeren van de heilige lans zag men destijds ook als bepalend voor de overwinning op de Hongaren.

Erfopvolging

Bepalend voor de geschiedenis van het Oost-Frankische Rijk was Hendriks ‘Hausordnung’ van 929. Zijn macht was gevestigd genoeg om binnen zijn familie te vererven. In afwijking van de Karolingische gewoonte het rijk onder de zonen te verdelen, legde Hendrik de enkelvoudige successie vast, het koningschap was nu ondeelbaar. Enige opvolger werd zijn oudste zoon uit zijn tweede huwelijk, de latere keizer Otto de Grote.

Slot Quedlinburg

Slot Quedlinburg

De palts Quedlinburg was de locatie voor de viering van het Paasfeest en zou dat ook voor de opvolgers van Hendrik uit zijn geslacht blijven. In 922 werd deze plaats voor het eerst vermeld in een oorkonde. Hendrik zou hier ook begraven worden. Hij stierf op 2 juli 936 in de palts Memleben. Een tocht naar Rome had hij nog willen ondernemen, maar hij was reeds enige tijd ziek. In Quedlinburg stichtte zijn weduwe Mathilde een klooster, dat ze tot enkele jaren voor haar dood leidde. Zijn nakomelingen stempelden als koningen en keizers de 10e eeuw. Met de kinderloze Hendrik II, achterkleinkind van Hendrik I, stierf de lijn van de Ottonen in 1024 uit.

Begin van het Duitse Rijk

Dat er met Hendrik de Vogelaar een nieuwe tijd aan was gebroken, beseften de mensen destijds al, op zijn laatst met de verdere bestendiging onder zijn zoon. Veel historici zien het aantreden van de eerste Ottonen-koning tegelijk als het begin van de geschiedenis van het Duitse Rijk. Geschiedschrijvers uit de Middeleeuwen dateren dat evenwel nog eerder. Daarbij wordt het Verdrag van Verdun van 843 in het spel gebracht, dat het Frankenrijk van de Karolingen opdeelde en waarin Lodewijk II de Duitser het oostelijke deel kreeg. Dit oostelijk deel onderscheidde zich ook qua taal van het westelijke. Het Karolingenrijk zou later echter nog korte tijd herenigd zijn.

Maar onder Hendrik I werd uit Saksen, Franken, Beieren en Zwaben, later uitgebreid met Lotharingen onder Hendrik I een verenigd domein gevormd dat bestendig bleek. Het begrip Regnum Teutonicum is vanaf de 11e eeuw aantoonbaar in gebruik. Het werd het uitgangspunt voor wat sinds de late Middeleeuwen als Heilige Roomse Rijk werd aangeduid.

Steun Novini!

Doe een donatie aan Novini en blijf nieuwe bijdragen mogelijk maken!

Doneer nu!

 

Over de auteur

Jonathan van Tongeren

Jonathan van Tongeren studeerde Internationale Betrekkingen en Slavistiek, was van 2006-2010 secretaris-generaal van het European Christian Political Youth Network (ECPYN) en is eindredacteur van Novini. Verder is hij redacteur bij uitgeverij De Blauwe Tijger.