Noord-Korea kan maar beter niet meer dreigen, anders krijgt het met “vuur en ongeziene woede” van de zijde van de Verenigde Staten te maken, zo stelde de Amerikaanse president Donald Trump begin augustus voor de vuist weg. Maar toen Noord-Korea een nieuwe raket testte en Japan groot alarm sloeg, deed Amerika niets. Geen vuur, geen ongeziene woede, alleen een veroordeling.

Amerikaanse generaals constateerden fijntjes dat er geen sprake was van een dreiging voor de VS.  Nu heeft Noord-Korea, gezien zijn geografische ligging ook geen andere praktische mogelijkheid om een dergelijke raket te testen dan over Japans territorium. Japan nam de raketproef echter wel als een dreiging waar. En Japan heeft een Veiligheidsverdrag met de Verenigde Staten, waarin beide partijen zich ertoe verplichten met elkaar samen te werken en elkaars veiligheid garanderen.

Op eigen benen

Blijf op de hoogte van nieuws, opinie en achtergronden: Volg Novini!


De huidige conservatieve regering van Japan, onder leiding van premier Shinzo Abe maakte zich al geen illusies over de waarde van dit verdrag. Onder zijn leiding heeft Japan er voor gekozen in te zetten op het uitbouwen van de eigen militaire capaciteiten, om in dit opzicht op eigen benen te kunnen staan.

De discrepantie tussen de alarmistische reactie op de Noord-Koreaanse raketproef in Japan en de eerder laconieke reactie in de VS, alsmede de discrepantie tussen de Amerikaanse retoriek voor en het Amerikaanse handelen na de raketproef, kan deze neiging in de Japanse politiek versterken en tot verwijdering tussen de twee bondgenoten aan weerszijden van de Stille Oceaan leiden. De crisis rond Noord-Korea is het ideale voorwendsel voor Abe om fors extra in defensie te investeren.

Er gaan zelfs al stemmen op in de Japanse politiek om niet te vertrouwen op de Amerikaanse nucleaire paraplu, maar om zelf kernwapens te ontwikkelen. Japan beschikt over de technologie, de grondstoffen en het kapitaal die daarvoor nodig zouden zijn.

Ad hoc-beleid

Waar Barack Obama’s Pivot to Asia ten minste nog van geostrategisch inzicht getuigde, lijkt het de regering van Donald Trump te ontbreken aan een coherent beleid ten opzichte van Azië. De enige constante lijkt het zoeken van de confrontatie met China, voor het overige zijn er alleen ad hoc-reacties en impromptu-opmerkingen, -telefoontjes en -tweets. Als Japan echter een meer zelfstandige positie in Oost-Azië gaat innemen, en de VS niet meer nodig hebben, kon dat wel eens in het voordeel van China uitpakken, zoals we eerder zagen met Duterte en de Filipijnen.

Steun Novini!

Doe een donatie aan Novini en blijf nieuwe bijdragen mogelijk maken!

Doneer nu!

 

Over de auteur

Jonathan van Tongeren

Jonathan van Tongeren studeerde Internationale Betrekkingen en Slavistiek, was van 2006-2010 secretaris-generaal van het European Christian Political Youth Network (ECPYN) en is eindredacteur van Novini. Verder is hij redacteur bij uitgeverij De Blauwe Tijger.