Op 6 mei vinden in Servië parlementsverkiezingen plaats, zo kondigde president Boris Tadic eerder deze week aan. Het is zeer de vraag of zijn sociaaldemocratische DS er in zal slagen sterk genoeg in het parlement terug te keren om opnieuw een centrum-linkse regering te vormen.

De huidige regering heeft de steun van de sociaaldemocraten, van de centristische G17+ en zes kleine socialistische, regionalitische en gematigd conservatieve partijtjes. Bij de verkiezingen in 2008 werd de nationalistische SRS van Vojislav Seselj met 78 van de 250 zetels de grootste partij, gevolgd door de DS van Tadic met 65 zetels. Seselj wordt beschuldigd van oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid tijdens de oorlog in Kroatië en Bosnië Herzegovina. In 2003 gaf hij zich vrijwillig over voor berechting door het Joegoslavië-tribunaal in Den Haag. De zaak loopt nog steeds.

De SNS bracht vorig jaar tienduizenden op de been voor een demonstratie tegen het economisch beleid van de regering.

Inmiddels is de SRS niet mee de grootste fractie in het parlement. In 2008 splitste zich namelijk een twintigtal parlementsleden onder leiding van Tomislav Nikolic van de fractie af, vanwege een meningsverschil over de koers. Later dat jaar richtten zij de SNS op. De SNS, die aan de verkiezingen zal deelnemen in een alliantie met een drietal kleinere (nationaal-)conservatieve partijen, geniet een grote populariteit onder de kiezers. Al sinds het voorjaar van 2011 is niet de DS, maar de SNS de grootste partij in de peilingen en geen partij krijgt zoveel mensen op de been voor demonstraties als de SNS. Zo demonstreerden in februari 2011 50.000 à 70.000 mensen tegen de regering vanwege corruptie en de economische situatie. Servië kent nauwelijks economische groei en een hoge inflatie. Met de demonstraties wilde men aandringen op vervroegde verkiezingen in het najaar van 2011. De SNS slaagde niet in deze opzet, maar liet wel zien veel mensen op de been te kunnen brengen.

Blijf op de hoogte van nieuws, opinie en achtergronden: Volg Novini!


Waar de SNS zich aanvankelijk onder meer van de SRS had afgesplitst om een gematigder positie ten opzichte van de Kosovo-kwestie in te kunnen nemen en de mogelijkheid van toetreding tot de EU niet uit te sluiten (dit laatste tot vreugde van de Oostenrijkse FPÖ, die in de SNS een bondgenoot had gevonden),  hebben recente ontwikkelingen er toe geleid dat de SNS kritischer is geworden over de Europese integratie. Dit komt vooral doordat voortzetting van de toetredingsonderhandelingen afhankelijk is gemaakt van de oplossing van de Kosovo-kwestie.

Kostunica trok de DSS terug uit de Europese Volkspartij om te onderstrepen dat Servië niet ten koste van alles EU-lidstaat moet worden.

De vraagstukken Kosovo en Europese integratie drijven niet alleen de Servische kiezer naar nationalistische en nationaal-conservatieve partijen. Ook de partijen zelf onderstrepen meer het belang van de nationale soevereiniteit van Servië en de onafhankelijke positie van het land. Zo bracht Vojislav Kostunica, oud-president, oud-premier en leider van de conservatieve DSS die momenteel 20 zetels in het parlement bezet, begin maart een boek uit, waarin hij uiteenzette dat Servië geen toetreding tot de EU moet nastreven, laat staan tot de NAVO. Medio februari stuurde Kostunica reeds een brief aan de Wilfried Martens, voorzitter van de Europese Volkspartij (EPP), waarin hij het lidmaatschap van de DSS in die Europese politieke partij opzegde; een unieke stap. Hoewel het wel voorkomt dat de EPP, die zich er op voor laat staan de partij van de macht te zijn in Europa, leden schorst, komt het vrijwel niet voor dat een partij zich uit eigen beweging terugtrekt. Kostunica stelt hiermee een niet mis te verstane daad. Hoe deze daadkracht uitwerkt op de kiezers is nog niet bekend, aangezien de recentste peiling in februari gepubliceerd werd. De DSS, die zich al langer meer eenduidig uitspreekt inzake Europese integratie dan de SNS, haalt die partij op dit dossier rechts in. Dit zal de SNS mogelijk dwingen ook meer expliciet een standpunt te betrekken.

Intussen verbrokkelt de regerende coalitie met de verkiezingen in het vooruitzicht, met name door de kwestie Kosovo. Zo zijn een aantal kleinere partijen een campagne ‘U-bocht’ begonnen, die acceptatie van de onafhankelijkheid van Kosovo bepleit. Premier Tadic, die wel tot compromissen bereid is, maar uiteraard zijn onderhandelingspositie ten opzichte van internationale gesprekspartners niet prijs wil geven, heeft deze opstelling van de hand gewezen. Tegelijk met de parlementsverkiezingen zullen ook presidentsverkiezingen gehouden worden. Buiten de zittende president zijn er echter nog geen kandidaten formeel bekend gemaakt.

Steun Novini!

Doe een donatie aan Novini en blijf nieuwe bijdragen mogelijk maken!

Doneer nu!

 

Over de auteur

Jonathan van Tongeren

Jonathan van Tongeren studeerde Internationale Betrekkingen en Slavistiek, was van 2006-2010 secretaris-generaal van het European Christian Political Youth Network (ECPYN) en is eindredacteur van Novini. Verder is hij redacteur bij uitgeverij De Blauwe Tijger.