De laatste Amerikaanse astronaut verliet in december 1972 de maan. Pas in de afgelopen jaren is de maan weer meer in de focus van de bemande ruimtevaart gekomen. Er ontstaat zo opnieuw een race naar de maan, met ditmaal meer dan twee deelnemers.

De beide supermachten van de Koude Oorlog en traditionele ruimtevaartnaties, de Verenigde Staten en Rusland, hebben bemande en onbemande vluchten naar de maan aangekondigd voor de nabije toekomst. Maar nu streeft ook China een ambitieuze ruimtevaartstrategie na, waartoe ook bemande bases op de maan horen. Daarnaast sturen Japan en India hun eigen sondes naar de maan. Verder wil de Europese ruimtevaartorganisatie ESA samen met de Amerikaanse NASA bemande missies ondernemen. Recent haalde ook de Israëlische ruimtevaart de krantenkoppen, toen de landing van een Israëlische sonde op de maan mislukte.

Chinese sonde op achterkant maan

China slaagde er onlangs in voor het eerst een sonde op de achterkant van de maan te landen. Tot nog toe had het ontbrekende radiocontact aan de achterkant van de maan dergelijke ondernemingen verhinderd. Voor de landing van Chang’e-4 bracht China nu echter een relaissatelliet nabij de maan in omloop, die voor continu contact met de sonde zorgde. Chang’e-4 kwam nabij de Aitken-krater in het lunaire zuidpoolgebied neer. Als volgende stap wil China een sonde uitsturen die gesteentemonsters terug moet brengen naar de aarde. In 2030 moet dan de eerste ‘taikonaut’, zoals de Chinezen hun ruimtevaarders noemen, voet op de maan zetten.

Blijf op de hoogte van nieuws, opinie en achtergronden: Volg Novini!


Bezos en Musk

Nieuwe actoren in de ruimtevaart zijn ook private ondernemers. Jeff Bezos, onder andere eigenaar van Amazon, en Elon Musk van Tesla zien geld in de ruimtevaart en willen met bemande maanvluchten laten zien wat hun bedrijven in huis hebben. Bezos plant een permanent bemande maanbasis. Met het New Glenn-raketsysteem van zijn firma Blue Origins wil hij niet alleen astronauten en ruimtetoeristen naar de maan vliegen, maar daar ook industrie vestigen.

Musk zet in eerste instantie vooral op ruimtetoerisme in. De Big Falcon-raket van zijn bedrijf SpaceX heeft reeds succesvolle vluchten gemaakt. Deze momenteel grootste draagraket ter wereld moet bij zijn eerste maanvlucht betalende passagiers meenemen. Voor de NASA voert SpaceX reeds bevoorradingsvluchten naar het internationale ruimtestation ISS uit.

Gateway

De NASA werkt al langer aan een ruimtetransportsysteem voor bemande vluchten. De Orion-capsules en hun draagraketten zijn inmiddels in de testfase. President Donald Trump heeft de NASA nu de opdracht gegeven zo snel mogelijk weer naar de maan te vliegen. De eerste van deze vluchten, zij het onbemand, is voor 2021 gepland. De NASA wil daarbij gebruik maken van commerciële aanbieders. In 2024 moet het bemande ruimtestation Gateway volgen. Van daaruit moet de maan onderzocht worden. Waarschijnlijk zal het samen met Rusland en de ESA gerund worden.

De Amerikaanse plannen zijn echter allerminst nieuw. Of de VS ertoe in staat zijn een ruimtevaartprogramma van deze omvang voor langere tijd voort te zetten, hangt van de politieke verhoudingen af. In ieder geval is de huidige NASA-begroting van 19 miljard USD voor een tweede maanprogramma niet toereikend. Het Apollo-programma kostte omgerekend naar vandaag circa 120 miljard dollar. Een herhaling daarvan zou een budget van 133 miljard dollar vereisen.

Russische ambities

Ook Rusland vernieuwt zijn maan-ambities, maar streeft daarbij nadrukkelijk naar internationale samenwerking. De eerste kosmonauten moeten rond 2030 op de maan landen en er 14 dagen blijven. Het land wil met China en Europa samenwerken, maar zich zichzelf niet als juniorpartner. Bovendien stelde de directeur van de Russische ruimtevaartautoriteit tegenover persvertegenwoordigers dat zijn land de maanvluchten ook zelfstandig uit zou kunnen voeren.

De ESA werkt met Roskosmos en de NASA samen, bijvoorbeeld in het internationale ruimtestation ISS. Ook in de toekomst wil het waar mogelijk met beide partners samenwerken. Zo bouwt Europa onder andere de aandrijvingsmodule voor de Orion-capsules.

Orion-ruimteschip

Het Orion-ruimteschip (titelafbeelding) moet het werkpaard van de Amerikaanse bemande ruimtevaart worden. Daarmee moeten NASA-astronauten niet alleen naar de maan, maar wellicht ook naar Mars vliegen. Het ruimteschip bestaat uit twee componenten: De commandomodule, waarin net als in de Apollo-ruimteschepen de bemanning is ondergebracht, en een aandrijvings- en bevoorradingsmodule. Deze European Service Module (ESM) wordt door Airbus Defence and Space in Bremen gemaakt.

De eerste ESM werd begin november 2018 aan de NASA geleverd. In de ESM bevinden zich de motoren, verwarming en klimaatregeling, alsmede alle voorraden om de bemanning in leven te houden. Het beschikt over vier uitklapbare zonnepanelen, die elektrische stroom leveren. Airbus kreeg in 2014 de opdracht van de ESA om de ESM te bouwen. Het is gebaseerd op het Europese onbemande Automated Transfer Vehicle, waarmee de ESA materiaal en voorraden naar het ISS vloog. Het project is onderdeel van een transatlantisch ruilhandel, waarmee de ESA haar aandeel in de exploitatiekosten van het ISS betaalt.

De eerste race naar de maan

Aan het begin van het ruimtevaarttijdperk lag de Sovjet-Unie voor. Zij bracht met de Sputnik in 1957 de eerste satelliet in een baan om de aarde. In 1961 bracht ze met Joeri Gagarin de eerste mens in de ruimte. De VS zwoegden om bij te blijven. Zo maakte de Amerikaan Alan Shepard in de eerste Amerikaanse ruimtevlucht slechts een ballistische sprong in de nabije ruimte.

60 jaar geleden baande Spoetnik de weg voor de ruimtevaart

Sovjet-voorsprong

Belangrijke reden voor de Sovjet-voorsprong was de superieure rakettechniek. De Sovjet-Unie beschikte over beter presterende draagraketten, omdat de Sovjet-springkoppen zwaarder waren dan de Amerikaanse. Hun ombouw voor de ruimtevaart was relatief eenvoudig. In de VS daarentegen had met tot dan toe de raketontwikkeling weinig gecoördineerd naar voren gebracht en toegelaten dat het werk van het Duitse ontwikkelingsteam rond Wernher von Braun bijna stil kwam te liggen. De Sovjet-Unie beschikte van begin af aan met Sergej Koroljov over een capabele en charismatische ingenieur. In 1955 begon zijn team met de ontwikkeling van het latere Vostok-ruimteschip.

60 jaar geleden lanceerde de Sovjet-Unie de eerste intercontinentale raket

Amerikaanse inhaalslag

Kort voor Alan Sheppards korte vlucht, gaf John F. Kennedy het doel aan: De NASA moest nog voor het einde van het decennium een man naar de maan en veilig terug brengen. De VS centraliseerden hun maanprogramma in de NASA. In de Sovjet-Unie concurreerde Koroljov intussen met andere constructeurs om geld en aandacht. Daarbij kwamen tegenslagen als het neerstorten van Sojoez 1 of de onsuccesvolle maanraket N-1. Geen van de vier lanceringen slaagde en na de laatste neerstorting op 23 november 1972 schortte de Sovjet-Unie haar maanprogramma op. Ook de Zond-maanschepen waren geen succes.

Apollo 8 en de riskante race naar de maan

Daarentegen bleken de Amerikaanse raketten van het type Saturn berekenbaar. In 1968 cirkelde Apollo 8 om de maan. De volgende vluchten dienden voor het testen van het maanveer. Op 16 juli 1969 landde Apollo 11 veilig in de Mare Tranquillitatis.

 

Steun Novini!

Doe een donatie aan Novini en blijf nieuwe bijdragen mogelijk maken!

Doneer nu!

 

Over de auteur

Jonathan van Tongeren

Jonathan van Tongeren studeerde Internationale Betrekkingen en Slavistiek, was van 2006-2010 secretaris-generaal van het European Christian Political Youth Network (ECPYN) en is eindredacteur van Novini. Verder is hij redacteur bij uitgeverij De Blauwe Tijger.