De demonstraties van de ‘gele hesjes’ op 1 december werden niet alleen in Parijs maar door heel Frankrijk door geweld en vernielingen overschaduwd, vooral van extreemlinkse autonomen en bendes uit de voorsteden.

Naar zeggen van politieagenten, vreedzame gele hesjes en enkele onafhankelijke journalisten waren de politie en veiligheidsdiensten van hogerhand geïnstrueerd om de in neonvesten verklede extreemlinkse autonomen en de bendes uit de voorsteden grotendeels hun gang te laten gaan.

Er zouden zelfs als chaoten verklede politieagenten aan de rellen hebben deelgenomen. Getuigen verklaarden dat ze gezien hadden hoe chaoten het rode politie-embleem op hun arm deden om vervolgens achter de politiebarricade te verdwijnen.

Blijf op de hoogte van nieuws, opinie en achtergronden: Volg Novini!


Vreedzame demonstranten kwamen daarentegen nauwelijks langs de politiecontroles, werden omsingeld en door de veiligheidsdiensten met traangas en waterkanonnen aangevallen, zodat een deel van hen zich fysiek verweerde en geprovoceerd werden tot opstootjes.

Vooropgezet spel

Vooraf had een woordvoerder van de politievakbond SGP Police FO, Linda Kebbab, tegenover minister van Binnenlandse Zaken Christophe Castaner op BFM TV al erop gewezen, dat extreemlinks geweld gevreesd moest worden. Zij beklaagde dat de regering geen actie tegen de chaoten wilde ondernemen, hoewel bij de veiligheidsdiensten zowel de betrokken personen als hun verblijfplaatsen bekend zijn.

President Macron en zijn regering lijken er echter vooral op uit om nog meer chaos te veroorzaken, om zo het legitieme burgerprotest te smoren en de nationale noodtoestand weer uit te kunnen roepen. Deze strategie is echter spelen met vuur, want de woede onder de bevolking wordt steeds groter. Zo blokkeerden bijvoorbeeld ambulancechauffeurs de weg naar het parlementsgebouw en rukten taxichauffeurs aan om hun rangen te versterken.

Revolutie?

Gaat Frankrijk een revolutie tegemoet? Sinds begin november vermeerderen de aanwijzingen daarvoor zich. Want sinds een internetpetitie tegen de verhoging van de accijns op benzine, die door een miljoen Fransen ondertekent werd, online ging en een vrachtwagenchauffeur op YouTube tot een blokkade van het land opriep, organiseerde zich een nieuwe vorm van burgerprotest. De Giltes Jaunes, genoemd naar de neongele hesjes die iedere autobestuurder bij zich moet hebben en die nu in miljoenen auto’s als teken van protest op het dashboard liggen, vormen voor de Franse overheid een groot probleem.

De ‘gele hesjes’ zijn een grassroots-beweging zonder structuur en centrale organisatie. Niemand weet precies om hoeveel mensen het gaat, wie er actief is of hoe hun protest zich organiseert. De staat is zodoende in het defensief en kan geen strategieën plannen zoals bij klassieke demonstraties.

Brandstofbelasting

De verhoging van de brandstofbelasting is niet de oorzaak van hun protest, maar alleen de druppel die emmer deed overlopen. Oorzaak is de algemene ontevredenheid met de situatie in politiek en samenleving: Massa-immigratie, onveiligheid, criminaliteit, ellende in het onderwijs, afbouw van overheidsinfrastructuur, deïndustrialisering en grote staatsschulden die leiden tot een steeds grotere belastingdruk.

Juist de hardwerkende maar vaak slecht betaalde lagere middenklasse in de provincie leidt onder een verarming op grond van belastingen en verplichte afdrachten. Deze mensen kunnen het zich financieel niet veroorloven in de buurt van de economisch dynamische grote steden te gaan wonen en moeten zodoende voor alles grote afstanden afleggen. De dieselauto, op grond van zijn geringe verbruik en relatief geringe CO2-uitstoot lange tijd door de staat gestimuleerd, is het vervoersmiddel bij uitstek van deze mensen.

Lagere middenklasse als melkkoe

Op zoek naar nieuwe inkomstenbronnen maakte de regering Macron de fout meerdere impopulaire maatregelen tegen auto’s in het algemeen en de dieselmotor in het bijzonder af te kondigen en die te onderbouwen met een verwijzing naar het klimaat en de veiligheid: Een daling van de maximumsnelheid buiten de bebouwde kom van 90 naar 80 kilometer per uur, steeds meer snelheidscontroles met radar, een aanzienlijk strengere APK-keuring, een stapsgewijs dieselverbod vanaf 2019 in Parijs, een verbod voor alle conventionele motorvoertuigen in het grotere Parijs tot 2030 en tot slot een progressieve verhoging van de brandstofbelasting: Tot 2022 moet die per liter diesel met bij elkaar 23 cent stijgen.

In deze maatregelen zien de gele hesjes niet alleen een feitelijke onteigening, maar ook het cementeren van de territoriale segregatie, aangezien ze zonder dure elektrische auto op termijn niet meer buiten de provincie kunnen komen. Bijzonder boos is men bovendien dat men de indruk krijgt door de regering voor dom gehouden te worden. De 51-jarige vrachtwagenchauffeur Alain zegt het zo: “Tot nog toe wilden ze dat we beslist een dieselauto kochten, omdat die minder CO2 uitstoten. Maar nu zijn ineens de dieselauto’s verantwoordelijk voor de klimaatcatastrofe en moeten we alleen nog maar elektrische auto’s kopen, terwijl ze de kerncentrales stilleggen en we over steeds minder elektriciteit beschikken. Ze zijn gek!”

Brede steun

Terwijl aanvankelijk straatblokkades de kern van de acties van de gele hesjes vormden, richt hun protest zich intussen steeds meer tegen overheidsinstellingen. Volgens peilingen ondersteunt reeds 84 procent van de Fransen de eisen van de gele hesjes. De rellen van de extreemlinkse autonomen en de bendes uit de voorsteden op de Champs-Elysées op 24 november, waarvoor de regering ondanks bewijzen van politie en inlichtingendienst die het tegendeel zeggen politiek rechts en Marine Le Pen verantwoordelijk houdt, doen tot nog toe geen afbreuk aan de mobilisatie.

In tegendeel, het antwoord van de regering op het protest van de gele hesjes bestond erin nog meer werkgroepen in te stellen, het klimaatbeleid nog ‘beter uit te leggen’ en voor de armsten nog meer financiële hulpregelingen aan te bieden. Maar dit vergroot de woede van de burgers juist: “We willen geen aalmoezen van de regering, maar waardig kunnen leven van het werk van onze handen!”, aldus vrachtwagenchauffeur Jacques. Zodoende blijft de motivatie groot om door te gaan met de protesten en blokkades.

Steun Novini!

Doe een donatie aan Novini en blijf nieuwe bijdragen mogelijk maken!

Doneer nu!

 

Over de auteur

Jonathan van Tongeren

Jonathan van Tongeren studeerde Internationale Betrekkingen en Slavistiek, was van 2006-2010 secretaris-generaal van het European Christian Political Youth Network (ECPYN) en is eindredacteur van Novini. Verder is hij redacteur bij uitgeverij De Blauwe Tijger.