De relatie tussen Rusland en de Verenigde Staten bevindt zich sinds de G20-top in Hamburg in een toestand van grote labiliteit, die uitsluitend door Washington veroorzaakt wordt. Binnen een tijdsbestek van enkele dagen kunnen tekenen van realiteitszin en ontspanning afgelost worden door agressieve propaganda en dreigementen.

De gesprekken tussen de Russische president Vladimir Poetin en zijn ambtsgenoot uit de VS leken veelbelovend te verlopen, maar hebben hier niets aan veranderd. De oorzaken hiervoor liggen zowel in de wispelturigheid van Trump, die het moeilijk maakt om met hem een lange termijnpolitiek te voeren, als ook in het feit dat hij in de VS niet alleen kan bepalen hoe dit beleid er uit moet zien – de beide kamers van het Congres werken er dag aan dag aan het de president op dit vlak moeilijk te maken en dat geldt ook voor politici van zijn eigen partij.

Militaire sterkte

Over tenminste twee dingen zijn de Amerikaanse president en de heersende elite van zijn land en dus ook de meerderheid van het Congres het eens: In de eerste plaats over het belang van de militaire sterkte van het land. Trump heeft onlangs een nieuw vliegdekschip in gebruik genomen, de USS Gerald R. Ford, daar zijn weliswaar wat technische problemen mee, maar het is wel het duurste oorlogsschip ter wereld. Vliegdekschepen zijn wapens die uitsluitend voor operaties nodig zijn die ver van de eigen regio verwijderd zijn, iedere bruto registerton vliegdekschip getuigd zeg maar van een stuk imperialisme. Zo moet het dan ook begrepen worden als president Trump stelt: “We worden iedere dag beter en sterker.”

In Rusland ziet men dat ook zo, zij het vanuit een ander perspectief. Moskou ervaart dit beleid als een directe militaire bedreiging. “Het streven van enkele staten, in het bijzonder de VS, naar hegemonie in de wereldzeeën met inbegrip van het Noordpool-gebied” zien de Russische strijdkrachten als een van grootste uitdagingen. In een officieel strategiedocument dat president Poetin onlangs ratificeerde, heet het dat de Russische Federatie niet zal laten gebeuren, dat andere landen een “overweldigende superioriteit” over de eigen marine op kunnen bouwen. Rusland zal er naar streven mondiaal de tweede plaats bij de militaire sterkte te behouden. Deze eufemistische formulering moet begrepen worden als een waarschuwing Rusland niet te onderschatten.

Energiepolitiek

Het tweede gebied waarop politieke consensus bestaat onder en binnen de politieke en economische elites in de VS is het energiebeleid. Al jaren zet men er op in aardgas in Europa te verkopen, waarbij geenszins de klassieke middelen van een markteconomie van toepassing zijn, zoals kwaliteit of prijsvoordeel, maar veeleer politieke middelen, waarmee druk uitgeoefend wordt op de Europeanen om Amerikaans gas te kopen ongeacht de voorwaarden. Dit wordt verzacht met mooie woorden. Zo heet het in een besluit van het Congres zorgzaam dat het zou gaan om het beschermen van de “energiezekerheid van de bondgenoten”. Orwelliaanse verdraaiingen worden daarbij niet geschuwd, zo heet het verder: “De regering van de VS moet de export van energiebronnen van de VS tot prioriteit maken [..], om de bondgenoten en partners van de VS te helpen in de versterking van hun buitenlandbeleid.” Dat wil in rond Nederlands zeggen: Doe wat wij willen, dan ben je zelfstandig!

Blijf op de hoogte van nieuws, opinie en achtergronden: Volg Novini!


Bij de gasverkoop stuiten de VS echter op het vreemde gegeven dat Europa sinds de dagen van de Sovjet-Unie en nu door Rusland doorlopend, berekenbaar en voordelig van gas voorzien is en nog wordt. Hier komt dan ook de diplomatieke virtuositeit in het spel waar Washington bekend om staat, namelijk het opleggen van sancties. De nieuwste richten zich tegen de bouw van de Nordstream 2-pijpleiding, die de VS net zo goed willen verhinderen als ze de Southstream-pijpleiding over de bodem van de Zwarte Zee en door de Balkan reeds wisten te fnuiken. Nordstream 2 moet direct vanuit Rusland, door de Oostzee, naar Duitsland voeren en een capaciteit van 55 miljard ton per jaar hebben. In de onderbouwing van de sancties valt te lezen dat de VS zich zorgen zouden maken over de “negatieve invloed” die het project op de energiezekerheid van Europa zou hebben. Wie met zo’n zwak verhaal komt, dat in evidente tegenspraak met de feiten is, heeft kennelijk geen bruikbaar argument. Nog afgezien van het feit dat niemand kan zeggen met welk recht de Verenigde Staten zich in de handelsbetrekkingen van twee andere landen mengen.

Nieuwe sancties

Evident is ook dat slecht beleid slechte gevolgen met zich meebrengt. Dat sancties altijd aan twee kanten snijden, kan men ondertussen zelfs in de VS niet meer ontkennen. Zo komt het dan ook dat meerdere grote Amerikaanse concerns, zoals Boeing, BP (Amoco), Exxon en General Electric op zijn minst een aanpassing van de meest recente sancties tegen Rusland willen, omdat ze verwachten dat hun zaken er onder zullen lijden.

Ook personeelsbeleid is vaak politiek veelzeggend. In dat verband verdient de keuze voor de nieuwe Amerikaanse ambassadeur naar Rusland, Jon Huntsman, de aandacht. Het gaat hier namelijk niet om een of andere bobo die in ruil voor een bijdrage aan Trumps campagne beloond wordt met een comfortabele aanstelling, maar om een ervaren diplomaat, die eerder onder andere ambassadeur in Peking was. Huntsman is bepaald niet de kandidaat waar Moskou op gehoopt had. Het is een trouwe kompaan van oorlogshitser en senator John McCain, bovendien leider van de Atlantic Council, zijn familie heeft zakenbelangen in het deel van Oekraïne waar gevochten wordt en in China vestigde hij al de aandacht op zich door – uiteraard puur toevallig – op het juiste moment op de verkeerde plaats te zijn.

Share.

Over de auteur

Jonathan van Tongeren

Jonathan van Tongeren studeerde Internationale Betrekkingen en Slavistiek, was van 2006-2010 secretaris-generaal van het European Christian Political Youth Network (ECPYN) en is eindredacteur van Novini. Verder is hij redacteur bij uitgeverij De Blauwe Tijger.

Comments are closed.