Suriname komt niet vaak in het nieuws in Servië. Dat zal iets te maken hebben met de geringe geografische nabijheid van de twee landen en het geringe gewicht van Suriname op het wereldtoneel. Maar vorige week was het dan toch zo ver: De Surinaamse staat had namelijk besloten om zijn erkenning van Kosovo als staat in te trekken, een ongebruikelijke stap. Separatisten elders in Europa kunnen hier echter lering uit trekken.

Na het referendum in Catalonië – dat door het grondwettelijk hof illegaal verklaard was en waarvan de representativiteit dus betwijfeld moet worden – aarzelde de toenmalige Catalaanse regeringsleider Carles Puigdemont om de onafhankelijkheid uit te roepen. Hij deed het uiteindelijk toch, maar de onafhankelijkheid kwam er niet. Geloofden de separatisten werkelijk zo sterk in nationale zelfbeschikking dat ze meenden de onafhankelijkheid alleen maar uit te hoeven roepen om die te verkrijgen? Dat komt nogal naïef voor.

Of meenden de separatisten dat een onafhankelijke Catalaanse staat geconstitueerd zou worden door erkenning van derde staten? Ook dat komt nogal naïef voor. Hoewel de erkenning door derde staten zeker behulpzaam kan zijn wanneer een nieuwe staat eenmaal geconstitueerd is, is die erkenning geenszins constitutief. Derde staten kunnen slechts erkennen wat er reeds is. Erkenning heeft met andere woorden een declaratoir karakter: men verklaart de statelijkheid van een staat te erkennen en bereid te zijn daarmee betrekkingen aan te gaan.

Dat derde staten de onafhankelijkheid van Catalonië zonder meer zouden erkennen, was overigens op voorhand onwaarschijnlijk. Er is immers geen absoluut recht op nationale zelfbeschikking. Nationaliteiten hebben in de eerste plaats recht op intern zelfbeschikkingsrecht binnen de staat waar zij wonen. Slechts in het uiterste geval kan intern zelfbeschikkingsrecht over gaan in extern zelfbeschikkingsrecht, dat wil zeggen secessie. Er is echter geen sprake van dat de Spaanse staat in de afgelopen decennia de Catalanen onderdrukt zou hebben, Madrid is veeleer in alleszins billijke mate tegemoet gekomen aan het interne zelfbeschikkingsrecht van de Catalanen. Zij kregen een mate van autonomie, konden culturele rechten uitoefenen en werden niet gehinderd deel te nemen aan het bestuur van Spanje. Er is in dit geval dus geen grond in het internationaal recht om over te gaan tot secessie.

Blijf op de hoogte van nieuws, opinie en achtergronden: Volg Novini!


Maar als erkenning door derde staten niet constitutief is voor statelijkheid, wat zijn dan wel constitutieve voorwaarden? Kort gezegd zijn er drie: 1. een territoir, met 2. een bevolking en 3. het effectief uitoefenen van gezag over dat territoir. De Catalaanse regionale overheid kan echter niet voldoen aan die voorwaarden. Ze oefent haar gezag slechts uit uit hoofd van de Spaanse kroon. Ook na het uitroepen van de onafhankelijkheid door Puigdemont is onomstotelijk vast komen te staan wie er effectief gezag uitoefent over het territoir. Een erkenning van de Catalaanse onafhankelijkheid door een derde staat zou in dit geval neerkomen op het erkennen van iets dat effectief niet bestaat.

De etnisch-Albanese separatisten in Kosovo waren een stuk minder naïef dan de Catalaanse separatisten. Zij begonnen met de vorming van een zogenoemd ‘Kosovo Bevrijdingsleger’ (UÇK). De etnisch-Albanese separatisten hadden met andere woorden van begin af aan een op de realiteit georiënteerd plan om een eigen staat te creëren. Die staat is uiteindelijk mede tot stand gebracht door militaire interventie van derden. Desalniettemin illustreert dit dat Kosovo pas als onafhankelijke staat erkend kon worden nadat deze eerst gevestigd was.

Catalaanse separatisten mogen graag naar de Spaanse dictator Francisco Franco verwijzen, om vervolgens te suggereren dat er sprake zou zijn van ‘fascistische’ repressie van de zijde van Madrid. Hoewel de term fascistisch op zijn minst historisch onnauwkeurig is met betrekking tot Franco, is duidelijk dat fascistisch verwijst naar de fasces, dat is de roedebundel die vanouds een symbool van de staat is. Dit maakt duidelijk dat uiteindelijk ieder staatsgezag mede berust op (de dreiging met) geweld. De vraag is alleen of geweld legitiem en proportioneel is, maar een staat zonder geweld bestaat niet. Het was kortom ronduit roekeloos van Puigdemont en de zijnen om de onafhankelijkheid van Catalonië uit te roepen, terwijl ze deze niet waar konden maken en dit op zijn laatst sinds het politieoptreden tegen het illegale referendum al wisten.

De Catalaanse onafhankelijkheid hangt, evenmin als de Kosovaarse, af van erkenning daarvan door Suriname of om het even welk ander land. Erkenning door buurlanden of staten die een belangrijke rol spelen op het wereldtoneel kan wel behulpzaam zijn voor nieuwe staten, maar kan op zichzelf hun statelijkheid niet constitueren. We leven nu eenmaal niet bij Spongebob Squarepants op de bodem van de zee, waar je met verbeeldingskracht alles tot stand kunt brengen dat je hartje begeert. In de grotemensenwereld berust statelijkheid op de effectieve uitoefening van gezag en daarmee uiteindelijk op geweld.

Share.

Over de auteur

Jonathan van Tongeren

Jonathan van Tongeren studeerde Internationale Betrekkingen en Slavistiek, was van 2006-2010 secretaris-generaal van het European Christian Political Youth Network (ECPYN) en is eindredacteur van Novini. Verder is hij redacteur bij uitgeverij De Blauwe Tijger.

Comments are closed.