Britse politici spreken graag van een ‘bijzondere relatie’ met de Verenigde Staten. Maar er is niet altijd sprake geweest van groot vertrouwen tussen de twee Angelsaksische grootmachten.

Om na de Eerste Wereldoorlog een voortzetting van de onzalige wapenwedloop op zee in te snoeren, nodigde de sinds 1920 Republikeinse en daarmee meer isolationistische en defensieve Amerikaanse regering in 1921 vertegenwoordigers van de grote zeemachten Groot-Brittannië, Frankrijk, Italië en Japan uit voor een conferentie in de Amerikaanse hoofdstad.

Resultaat van de conferentie was het in 1922 afgesloten Vlootverdrag van Washington. Daarin werden de bestaande krachtsverhoudingen van de deelnemende landen ten aanzien van grote slagschepen bevroren.

Blijf op de hoogte van nieuws, opinie en achtergronden: Volg Novini!


Vlootconferentie in Washington

Aangezien de bouw van grote slagschepen nu ingeperkt was, weken de verdragspartners uit naar het in toenemende mate bouwen van kruisers. Om ook de bouw daarvan in te perken, nodigde de Republikeinse president van Amerika Calvin Coolidge de betrokken landen uit voor een volgende conferentie, ditmaal in Genève, in het neutrale Zwitserland.

Maar deze conferentie mislukte, niet in de laatste plaats omdat de VS het door het Verenigd Koninkrijk geëiste grote aantal kruisers niet wilde accepteren. De Britten zeiden dit grote aantal nodig te hebben om de handelsroutes tussen de verschillende delen van hun wijdvertakte imperium te beschermen.

Amerikanen bereiden zich voor op oorlog

Na het mislukken van de onderhandelingen in Genève begon de Amerikaanse krijgsmacht plannen te ontwikkelen voor een eventuele oorlog met het zich steeds verder bewapenende Britse wereldrijk. Volgens het zogenoemde War Plan Red moest gelijk aan het begin van een oorlog met de Britten een grote aanval met gifgas en de bezetting van de stad Halifax op Nova Scotia plaatsvinden. Op deze manier moest de zeeverbinding tussen het Noord-Amerikaanse dominion Canada en het Britse moederland gekapt worden en de Britten de mogelijkheid ontnomen worden om vanuit Halifax als uitvalsbasis hun vloot voor de Amerikaanse oostkust in te zetten.

Tegelijkertijd beoogden de Amerikanen met hun leger in het noordoosten van Canada op te rukken en alle steden van betekenis te bezetten. Daarnaast zou door de verovering van Vancouver de Britten ook de mogelijkheid tot landing op de westkust ontzegd moeten worden.

De Amerikaanse oorlogsplannen beperkten zich dus tot het westelijk halfrond. Een aanval op het Britse moederland zelf had men niet voor. Wel had men de bedoeling om de Royal Navy in de Caraïben en de noordelijke Atlantische Oceaan in gevechten te verwikkelen en de vloot zo veel mogelijk uit te dunnen.

Het War Plan Red bleef tot 1974 achter slot en grendel. Pas enkele jaren geleden werd het bij toeval door de Amerikaanse journalist Peter Carlson ontdekt en openbaar gemaakt. Het ging niet om een plan van heethoofden in de generale staf, maar om een ontwerp dat door de minister van Marine Charles Francis Adams III en minister van Oorlog Patrick J. Hurley in 1930 goedgekeurd werd en daarmee tot de officiële militaire doctrine van de VS behoorde. Aan de grens met Canada legden de Amerikanen dan ook meerdere vliegvelden en forten aan. In 1935 hielden ze daar de tot dan toe grootste militaire oefening in de Amerikaanse geschiedenis.

Lend-Lease Act

Met het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog zetten de Amerikanen het plan in de ijskast. Met de Lend-Lease Act maakte president Franklin D. Roosevelt in 1941 de weg vrij voor militaire hulp aan het in het nauw gebrachte Groot-Brittannië.

FDR tekent de Lend-Lease Act in 1941.

Dat gebeurde echter niet zonder concessies van de zijde van de Britten. Zo namen de Amerikanen meerdere Britse bases in Canada en de Caraïben over. Zodoende bereikte de Amerikaanse politiek op vreedzame wijze enkele van de militaire doelstellingen van het War Plan Red.

De leningen die de Britten bij de Amerikanen in verband met de Tweede Wereldoorlog op moesten nemen, konden ze pas in 2006 volledig afbetalen. Hun imperium hadden de Britten enkele decennia daarvoor reeds verloren.

Steun Novini!

Doe een donatie aan Novini en blijf nieuwe bijdragen mogelijk maken!

Doneer nu!

 

Over de auteur

Jonathan van Tongeren

Jonathan van Tongeren studeerde Internationale Betrekkingen en Slavistiek, was van 2006-2010 secretaris-generaal van het European Christian Political Youth Network (ECPYN) en is eindredacteur van Novini. Verder is hij redacteur bij uitgeverij De Blauwe Tijger.