Het neerhalen van een Russisch gevechtsvliegtuig boven Syrië heeft niet alleen de verhouding tussen Rusland en Turkije danig onder druk gezet, maar maakt ook dat Turkije binnen de NAVO met een scheef oog bezien wordt.

Rusland was er, zo stelden de Russen zelf naderhand, op uit om de oliedoorvoerroute van IS te vernietigen, toen zijn gevechtsvliegtuig van het type Soechoj Soe-24 door de Turkse luchtmacht werd neergehaald. Het is reeds lang bekend dat de belangrijkste inkomstenbron van IS in de export van olie gelegen is en dat die middels vrachtwagens over Turks grondgebied plaats vindt. Vladimir Poetin werpt zijn Turkse ambtsgenoot dan ook voor de voeten zaken te doen met IS, in plaats van de terroristen te bestrijden. Daarmee spreekt de Russische president openlijk uit, wat ook westerse politici wel zullen denken maar om tactische redenen voor zich houden. Wat evenwel opviel was dat de na het incident bijeen geroepen NAVO-raad slechts aarzelend stelling nam ten aanzien van de Turkse voorstelling van zaken en dat bovendien de Amerikaanse president Barack Obama opvallend snel toegaf dat de Turken niet de waarheid zeiden.

Als het Erdogans bedoeling was om een confrontatie tussen de NAVO en Rusland te provoceren, dan is hem dat niet gelukt. Ondanks het vele wapengekletter heeft de NAVO geen belang bij een direct militair conflict met Rusland. Erdogan zou in dit geval een – weliswaar kleinere – fout hebben gemaakt op het niveau van de toenmalige president van Georgië Michail Saakasjvili, die in de zomer van 2008 een oorlog met Rusland uitlokte in de veronderstelling dat de NAVO hem zo nodig wel te hulp zou schieten.

Blijf op de hoogte van nieuws, opinie en achtergronden: Volg Novini!


Het heeft er alle schijn van dat Erdogan de gevolgen van het neerhalen van het Russische vliegtuig onderschat heeft. Ten aanzien van de vluchtelingen- en migrantenstromen mag hij de Europese Unie en haar lidstaten dan van alles af kunnen dwingen, voor de NAVO is hij een onberekenbare partner geworden. Ook Erdogan zelf lijkt uiteindelijk te beseffen dat hij de gevolgen verkeerd  ingeschat heeft, maar zijn late excuses maken natuurlijk niet dat alles plots weer koek en ei is  in de verhouding met Rusland. Rusland overweegt zijn stappen nog, daaronder zijn mogelijk sancties ten aanzien van de handel, beperkingen voor Turkse bedrijven en werknemers in Rusland en een forse afname van het toerisme.

Dat zijn geen speldenprikjes, want Rusland is na Duitsland de belangrijkste handelspartner van Turkije en kon duidelijk profiteren van de EU-sancties tegen Rusland. Daarbij reisden in 2014 zo’n vier miljoen Russen naar de Turkse stranden, waarmee inkomsten van circa 9,4 miljard euro gemoeid waren. Meer dan 67.000 Turken werken in 2015 in Rusland, vooral in de bouw. Russische reisbureaus nemen nu echter reizen naar Turkije uit hun aanbod. Ook een project als de bouw van de eerste Turkse kerncentrale kunnen in de ijskast gezet worden. In de Russische media worden intussen vijandbeelden uit de tijd van de Krimoorlog weer nieuw leven ingeblazen.

Wat Ankara helemaal hard zou treffen, zou een stop van de Russische gasleveringen zijn. In het afgelopen jaar heeft Turkije 54% van haar gas-import vanuit Rusland betrokken. Of de bouw van de, nog maar kort geleden besloten, Turkish Stream-pijpleiding werkelijk in gevaar is, is vooralsnog onduidelijk. De aanleg van de pijpleiding is zowel voor Rusland als Turkije lucratief.

Hoewel Rusland en Turkije in de afgelopen tijd hun economische banden aanhaalden, wreekt zich nu dat hun politiek in het Midden-Oosten sterk uiteenloopt. Terwijl Rusland met toestemming van de Syrische regering in Syrië bombardementen uitvoert op Islamitische Staat en andere islamistische groeperingen, beschouwt Erdogan de Syrische president Bashar al-Assad als aartsvijand.

Assad is een alawiet en behoort daarmee tot een stroming in de islam die dichter bij de sjiieten dan de soennieten staat. Syrië wordt dan ook gesteund door het sjiitische Iran. Daarmee staan hij en zijn bewind de droom van een soennitisch, neo-ottomaans rijk onder Turkse leiding in de weg.

Daarnaast wonen er in de grensregio van Syrië met Turkije niet alleen Koerden, maar ook Turkmenen, waarover Erdogan als Turkse stamverwanten spreekt. Turkmeense milities vechten samen met allerhande islamistische groeperingen tegen het Syrische regeringsleger. De Turkmenen in Syrië wonen vooral ten zuiden van de Turkse provincie Hatay (de streek rond Antakya, het historische Antiochië), een streek waarop ook Syrië aanspraak maakt. Na het ineenstorten van het Ottomaanse rijk, kreeg Frankrijk een mandaat van de Volkenbond voor Syrië, inclusief het huidige Libanon en Hatay. De heerschappij van de Fransen duurde tot 1946, toen Syrië weer een onafhankelijke staat werd. Hoewel Turkije bij het Verdrag van Lausanne in 1923 Hatay als Syrisch grondgebied had erkend, deed het nu aanspraak op de provincie.

Hoe dan ook blijft het lastig om het afschieten van een Russisch gevechtsvliegtuig door Turkije boven Syrië volledig te rationaliseren. Sommige Russische commentatoren vermoeden dan ook een machtsstrijd tussen Erdogan en premier Achmed Davutoglu. Mogelijk zit die laatste achter het besluit het vliegtuig neer te halen, omdat hij voor nauwere banden met de VS zou zijn. Erdogan zou er in dat scenario ofwel van tevoren niet van geweten hebben, dan wel het niet hebben kunnen voorkomen. Hoe het ook zij, Turkije heeft met deze actie vooral zichzelf in de vingers gesneden.

Steun Novini!

Doe een donatie aan Novini en blijf nieuwe bijdragen mogelijk maken!

Doneer nu!

 

Over de auteur

Jonathan van Tongeren

Jonathan van Tongeren studeerde Internationale Betrekkingen en Slavistiek, was van 2006-2010 secretaris-generaal van het European Christian Political Youth Network (ECPYN) en is eindredacteur van Novini. Verder is hij redacteur bij uitgeverij De Blauwe Tijger.