Veel Nederlandse commentatoren verbazen zich erover dat Berlusconi, ook na diverse schandalen, nog altijd populair is. De verklaring daarvoor wordt doorgaans gezocht in zijn media-imperium. Dat kan echter niet meer dan een gedeeltelijke verklaring bieden. Er zijn ook andere, politieke redenen waarom Berlusconi het relatief goed doet en zijn centrum-rechtse partijencoalitie waarschijnlijk de op één na grootste wordt in de parlementsverkiezingen van komende zondag en maandag.

De huidige economische malaise in Italië is het belangrijkste thema in de verkiezingscampagne. Veel kiezers merken heel concreet de gevolgen van het bezuinigingsbeleid van premier Monti, hebben hun werk verloren of hebben als zelfstandig ondernemer met teruglopende omzet te kampen, worstelen om hun vaste lasten te betalen. Dat zijn kortom acute noden en dat maakt het economische beleid dat de diverse partijen voorstaan doorslaggevend voor de meeste kiezers.

In de laatste peilingen lag de coalitie van Berlusconi enkele procentpunten achter op die van Bersani. In de laatste week voor de verkiezingen mogen geen peilingen gepubliceerd worden.

In de laatste peilingen lag de coalitie van Berlusconi enkele procentpunten achter op die van Bersani. In de laatste week voor de verkiezingen mogen geen peilingen gepubliceerd worden.

De economische malaise kan echter niet los worden gezien van de munt, de Euro. De sterke euro is economisch in het voordeel van de noordelijke eurolanden waarvoor de munt nog zwak genoeg is voor de export, maar in het nadeel van een aantal zuidelijke landen waarvoor deze te sterk is. Italianen met enige kennis van de recente geschiedenis begrijpen dit maar al te goed, aangezien Italië zelf in de negentiende eeuw een nationale eenheidsmunt invoerde, de lire. Deze munt was precies zwak genoeg voor het geïndustrialiseerde noorden van Italië, maar te sterk voor het armere zuiden. Alle transfers van fondsen van het noorden van Italië via de centrale overheid naar het zuiden hebben dit verschil sindsdien niet weg kunnen werken en ook de Europese gelden voor zwakkere regio’s niet.

Blijf op de hoogte van nieuws, opinie en achtergronden: Volg Novini!


Om het lidmaatschap van deze eenheidsmunt, de euro, waar de Italiaanse economie op het moment beslist geen baat bij heeft, te kunnen handhaven, heeft de Europese Unie dan ook nog eens een ingrijpend bezuinigingsbeleid afgedwongen. Dit beleid wordt uitgevoerd door de ongekozen premier Mario Monti, die – het mag niet verwonderen – als een zetbaas van Brussel (of Berlijn) gezien wordt.

Het is geen wonder dat de partij die nu namens Monti aan de verkiezingen deelneemt geen hoge ogen gooit en dat de post-fascisten en centristen die zich aan die partij verbonden hebben maar mager scoren in de peilingen. De partij die waarschijnlijk de grootste wordt is de Democratische Partij van Bersani. Dat die partij de grootste kan worden heeft veel te maken met de relatieve verdeeldheid op rechts, sommige bondgenoten van Monti zaten vroeger in het kamp van Berlusconi. Daarnaast speelt zoiets simpels als de pendelbeweging tussen links en rechts die kenmerkend is voor de parlementaire democratie een rol, het laatste kabinet voor de huidige technocratische regering was een centrum-rechtse, dus is het nu de beurt aan links. Bersani ondersteunt in feite het beleid van Monti, met hier en daar wat cosmetische aanpassingen om het acceptabeler te maken voor linkse kiezers. Er is een goede kans dat Bersani’s PD de grootste partij wordt, maar geen meerderheid in de senaat krijgt, omdat die verkiezing volgens een ander reglement verloopt. Dan moet samen worden gewerkt met de partij van Monti om aan een meerderheid te komen. Dat zal echter een kwetsbare meerderheid zijn, aangezien de linkse bondgenoten van Bersani weinig op hebben met het bezuinigingsbeleid van Monti.

Berlusconi’s bondgenoot Lega Nord heeft in haar verkiezingsprogramma opgenomen dat een referendum moet worden gehouden over het Italiaanse lidmaatschap van de euro. Ook de ‘Vijfsterrenbeweging’ van cabaretier Beppe Grillo, die zelfstandig aan de verkiezingen deelneemt heeft dit als speerpunt. De Vijfsterrenbeweging verzamelt veel proteststemmen, niet alleen tegen het bezuinigingsbeleid van Monti, maar ook tegen de corruptieschandalen en debacles waarmee diverse gevestigde partijen te maken hebben. Lega Nord-leider en oud-minister Maroni, die ook kandidaat gouverneur van Lombardije is, houdt daarnaast de mogelijkheid open om op basis van nog af te ronden onderzoek van een universiteit een parallelle munt voor die noordelijke provincie  in te voeren.

Berlusconi’s PDL zet in eerste instantie gematigder in, en heeft een economisch beleid dat gebaseerd is op de veronderstelling dat Italië net als Frankrijk het terugbrengen van het begrotingstekort over meerdere jaren mag spreiden. Daarnaast zet het programma van de PDL in op het op gang brengen van de economie, onder andere door diverse belastingmaatregelen. In onafhankelijk onderzoek van het Britse Oxford Economics Institute, gepubliceerd door het links-liberale dagblad Corriere della Sera, steekt het programma van de PDL het gunstigst af ten aanzien van de economische groeicijfers en de werkgelegenheid (het programma van de Vijfsterrenbeweging is niet meegenomen in het onderzoek). Berlusconi is van mening dat de andere eurolanden Italië de ruimte moeten geven om de reductie van het begrotingstekort meer geleidelijk te realiseren, als ze willen dat Italië in de euro blijft.

Het is zo bezien niet onbegrijpelijk dat veel Italianen, ondanks Berlusconi’s persoonlijke minpunten, een stem op zijn partij overwegen. Hij biedt een alternatief voor centrum-links, dat meer economische groei en werkgelegenheid op zou kunnen leveren. Bovendien neemt hij in Europees verband ferm stelling voor het Italiaanse belang. Door niet uit te sluiten dat Italië alsnog uit de euro stapt, verbetert hij als potentieel  minister van Financiën zijn onderhandelingspositie, terwijl Monti vereenzelvigd wordt met het huidige beleid en Bersani bijkans ook.

Steun Novini!

Doe een donatie aan Novini en blijf nieuwe bijdragen mogelijk maken!

Doneer nu!

 

Over de auteur

Jonathan van Tongeren

Jonathan van Tongeren studeerde Internationale Betrekkingen en Slavistiek, was van 2006-2010 secretaris-generaal van het European Christian Political Youth Network (ECPYN) en is eindredacteur van Novini. Verder is hij redacteur bij uitgeverij De Blauwe Tijger.