Hoewel de Verenigde Staten al jaren een economische oorlog voeren tegen Iran, benadrukt Teheran dat het geen militair conflict wil. Het Pentagon zal een openlijke oorlog met Iran ook afraden. Ondanks de jarenlange sancties is Iran vandaag de dag namelijk een sterke regionale grootmacht. De Iraanse strijdkrachten moeten niet onderschat worden. Daarnaast behoedt de geografie het land voor een invasie.

In de Global Firepower Index staat het land op plaats 14 van 136, Saoedi-Arabië staat ter vergelijking op plaats 25. In de index worden overigens ook factoren als geografie, economie en bevolkingstal meegenomen. Iran heeft een bevolking van circa 80 miljoen mensen en een geografie met hooggebergtes en moerassen die een invasie bemoeilijken. Daarbij heeft het een eigen defensie-industrie. Iran gaf in 2017 omgerekend circa 13,7 miljard euro of 16 miljard dollar voor zijn strijdkrachten uit. Israël had met omgerekend 18,5 miljard dollar wat hogere uitgaven. De Saoedische militaire begroting beliep ontzaglijke 76,7 miljard dollar.

De bergenketens en moerassen in het westen en zuiden van Iran bemoeilijken een invasie.

De bergenketens en moerassen in het westen en zuiden van Iran bemoeilijken een invasie.

Reguliere Strijdkrachten en Revolutionaire Garde

De Iraanse strijdkrachten bestaan uit drie componenten: de reguliere strijdkrachten, de Revolutionaire Garde en de politie. De reguliere strijdkrachten zijn circa 398.000 man sterk en verdeeld over leger, luchtmacht, luchtafweer en marine. De 12.500 man sterke Revolutionaire Garde beschikt eveneens over eigen grondtroepen, zeetroepen en vliegende eenheden. Bovendien beheert zij de defensie-industrie van het land en het ballistische raketprogramma. Onderdeel van de Revolutionaire Garde is de Al Quds-eenheid, de speciale eenheid voor missies in het buitenland. Verder vallen de Basji-milities, paramilitaire eenheden, onder de Revolutionaire Garde. Daarbij gaat het om 600.000 militair getrainde mannen en vrouwen.

Blijf op de hoogte van nieuws, opinie en achtergronden: Volg Novini!


Hezbollah, Iraakse milities en Houthi-rebellen

Het idee dat gewapende groeperingen in andere landen een soort proxy-strijdkrachten van Iran zijn is wijdverbreid, maar overdreven. Iran heeft weliswaar contacten met groeperingen als Hezbollah in Libanon, sjiitische milities in Irak en de Houthi-rebellen in Jemen en ondersteunt die in uiteenlopende mate (de relatie met de Houthi’s reikt niet veel verder dan dat er in het verleden wapens geleverd zijn). Dat wil echter niet zeggen dat deze groeperingen pionnen zijn die vanuit Teheran over het bord verplaatst kunnen worden. Genoemde organisaties hebben hun eigen doelstellingen en opereren onafhankelijk van Iran. Waar de belangen van Iran en dergelijke groeperingen convergeren komt evenwel samenwerking voor, zoals de oorlog in Syrië goed illustreert.

Vanuit het tijdperk van e sjah heeft Iran nog veel Amerikaans materieel in gebruik, zoals deze F-14 Tomcat (foto: Shahram Sharifi).

Gevechtsvliegtuigen en bommenwerpers

Ook vier decennia na de revolutie van 1979 stamt een aanzienlijk deel van de militaire uitrusting nog uit de tijd van sjah. De ruggengraat van de luchtmacht wordt altijd nog gevormd door vliegtuigen van de types Grumman F-14 ‘Tomcat’, McDonnell Douglas F-4 ‘Phantom II’ en Northrop F-5 ‘Freedom Fighter’. Nieuwere gevechtsvliegtuigen heeft het land uitgerekend aan de vroegere vijand Irak te danken. Saddam Hoessein liet tijdens de Golfoorlog talrijke vliegtuigen naar Iran vliegen, zodat men nu ook over Russische MiG-29-jachtvliegtuigen en Su-24-bommenwerpers beschikt, alsmede de Franse Dassault Mirage F1. De Revolutionaire Garde heeft een klein aantal door China nagebouwde MiG-21-vliegtuigen in gebruik.

Defensie-industrie Iran

De Iraanse industrie bouwt inmiddels niet alleen korte en middellange afstandsraketten, maar ook T-72-tanks, helikopters, raketschnellboten, kleine onderzeeërs, geleide wapens en artilleriesystemen. Marine en Revolutionaire Garde hebben zich er in gespecialiseerd met snelle aanvalsboten, mijnen, drones en kleine onderzeeërs tegen doelen voor de eigen kust te opereren. Op basis van de Northrop F-5 heeft de Iraanse luchtvaartindustrie inmiddels eigen gevechtsvliegtuigen ontwikkeld met wisselend succes. De luchtmacht ontbreekt het echter nog aan moderne geleide wapens en leidingsmiddelen als AWACS-vliegtuigen. Gevechtsvliegtuigen gebruiken ouder Amerikaanse en Russische raketten.

Drone-incident Iran: Trump twijfelde aan lezing CENTCOM

Naar zelfvoorzienendheid

De sjah probeerde reeds zijn land onafhankelijker te maken van wapenimport. Destijds waren westerse landen als de VS, het Verenigd Koninkrijk en de Bondsrepubliek Duitsland nog de hoofdleveranciers. In 1963 maakte de regering alle wapenfabrikanten ondergeschikt aan de Military Industries Organization (MIO), die weer verantwoording verschuldigd was aan het ministerie van Defensie. In de daaropvolgende jaren ontstond zo een industriële organisatie die allerlei munitie, handvuurwapens, granaatwerpers, maar ook elektrische apparatuur en batterijen produceerde. Daarnaast monteerden Iraanse fabrieken terreinauto’s, helikopters en vrachtwagens uit aangeleverde onderdelen. In de jaren ’70 sloot de regering van sjah licentieovereenkomsten voor de productie van vliegtuigen, helikopters, geleide wapens, computers en optische apparaten. Zo werden Bell-214-helikopters compleet in Iran geproduceerd.

Revolutie van 1979 en Irak-Iran-oorlog

De revolutie van 1979 onderbrak dit proces. Het nieuwe bewind was ineens van westerse technologie-import afgesneden. Ook de levering van reserveonderdelen hield op, wat gevoelig merkbaar werd toen Irak zijn buurland in 1981 aanviel. De MIO was ingestort, doordat het ineens aan buitenlandse specialisten ontbrak en in het westen opgeleide Iraanse specialisten in veel gevallen het land verlieten. Tijdens de oorlog met Irak bouwde met onder toezicht van de Revolutionaire Garde de defensie-industrie opnieuw op. Reserve-onderdelen ging men nu zelf vervaardigen.

Rusland en China als nieuwe wapenleveranciers Iran

Na het einde van de oorlog met Irak en de Koude Oorlog verbeterde de situatie zich enigszins. Iran kocht gevechtsvliegtuigen in Rusland en China. De Volksrepubliek levert geleide wapens en precisiebommen. Inmiddels produceert Iran ook hoogtechnologische wapens in eigen land. De productieaantallen zijn echter dikwijls gering. Wapensystemen als grotere oorlogsschepen produceert de Iraanse wapenindustrie niet.

Buchanan aan Trump: Verruil Bolton voor Tulsi Gabbard!

Cyberoorlog

Qua cyberoorlogvoering zijn de Iraanse capaciteiten inmiddels goed bij de tijd. Iraanse deskundigen hebben na de Stuxnet-aanvallen van 2005 eigen aanvals- en verdedigingswapens ontwikkeld. Cyberoorlogseenheden van het leger en de Revolutionaire Garde, maar ook onafhankelijke groepen, hebben met name in de VS, Israël en Saoedi-Arabië reeds computersystemen geïnfiltreerd, doorgaans als vergelding. De FBI waarschuwde in april de Amerikaanse industrie voor Iraanse cyber-vergeldingsacties, nadat de VS hun druk op Iran verder opvoerden. Voor Iran is cyberoorlogsvoering een van de manieren om de militair-technologische superioriteit van tegenstanders als de Amerikanen te compenseren.

Steun Novini!

Doe een donatie aan Novini en blijf nieuwe bijdragen mogelijk maken!

Doneer nu!

 

Over de auteur

Jonathan van Tongeren

Jonathan van Tongeren studeerde Internationale Betrekkingen en Slavistiek, was van 2006-2010 secretaris-generaal van het European Christian Political Youth Network (ECPYN) en is eindredacteur van Novini. Verder is hij redacteur bij uitgeverij De Blauwe Tijger.