Sinds Viktor Orbáns Fidesz, samen met de KDNP, in de verkiezingen van 2010 een twee derde meerderheid in het Hongaarse parlement wist te behalen, vaart zijn partij niet alleen een nationaal-conservatieve koers, maar zijn Orbán en zijn regering ook in staat dit om te zetten in beleid.

Door de twee derde meerderheid, die in de parlementsverkiezingen van 2014 gehandhaafd bleef, is de regering van Fidez-KDNP bovendien in staat de koers van het land in de nabije toekomst te bepalen. Zo kwam er een nieuwe grondwet, die veel stof deed opwaaien, evenals diverse andere wetsvoorstellen.

Recent is er vooral veel te doen over twee zaken. Ten eerste over nieuwe eisen die de Hongaarse regering stelt aan instellingen voor hoger onderwijs. Alle buitenlandse hoger onderwijsinstellingen in Hongarije voldoen reeds aan deze eisen, behalve de Central European University die behoort tot het imperium van de ‘filantroop’ George Soros. De internationalisten voelen zich dan ook aangevallen door deze regeringsmaatregel van Boedapest.

Een tweede zaak is een enquête van de Hongaarse regering onder de bevolking over Europese integratie. Beide zaken maken duidelijk dat de Hongaarse regering steeds meer een nationaal-conservatieve koers is gaan varen. Dat geeft spanning, ook binnen de Europese Volkspartij (EVP), de pan-Europese politieke partij waartoe Fidesz en KDNP behoren.

De EVP is ontstaan als een pan-Europese politieke partij van christendemocraten. Vooral door Wilfried Martens is de partij echter uitgebouwd tot de grootste en meest professionele pan-Europese politieke partij, die bijvoorbeeld de grootste fractie in het Europees Parlement heeft en de voorzitters van de Europese Raad (Donald Tusk), de voorzitter van de Europese Commissie (Jean-Claude Juncker) en de voorzitter van het Europees Parlement (Antonio Tajani) levert. Martens heeft de EVP uit kunnen bouwen tot dit machtsbolwerk door naast christendemocraten ook andere partijen aan te trekken, uit bijvoorbeeld Frankrijk, Italië en Spanje. Die partijen waren vaak niet (uitsluitend) christendemocratisch. Zo werd de EVP allengs een gemêleerd centrumrechts gezelschap. De EVP wist zo ook liberale partijen uit Midden- en Oost-Europa aan te trekken. Te denken valt aan het Poolse Burgerplatform, maar ook aan Fidesz, dat oorspronkelijk gelieerd was aan de Liberale Internationale.

De EVP die zo ontstond zag zichzelf, met enig recht, als de natuurlijk regeringspartij van een verenigd Europa. De EVP is dan ook duidelijk eurofiel, zij het zonder de scherpslijperij van fanatieke EU-federalisten als de liberaal Guy Verhofstadt. De Hongaarse partij Fidesz ontwikkelde zich, mede door de banden met de EVP geleidelijk van een liberale tot een conservatieve partij, maar die ontwikkeling stopte niet en de partij heeft zich inmiddels verder in conservatieve richting ontwikkelt dan velen in de EVP voor wenselijk houden. Daarbij is Fidesz ook steeds een beetje eurokritischer geworden, hoewel dat vooralsnog meer uit retoriek dan uit regeringshandelen blijkt.

De beginnende euroscepsis van Fidesz wekt spanningen op binnen de EVP en zo komt bij iedere uiting daarvan weer de vraag op waarom Fidesz nog bij de Europese Volkspartij blijft of waarom de Europese Volkspartij Fidesz niet uit de partij zet.

Waarom Fidesz bij de Europese Volkspartij blijft

Zo bij het ontstaan en uitbreiden van de fractie van Europese Conservatieven en Hervormers (ECR) in het Europees Parlement herhaaldelijk de vraag opgekomen of Fidesz zich hier misschien bij aan zou sluiten. De Britse en Tsjechische Conservatieven waren voor zij de ECR-fractie oprichtten immers ook bij de EVP-fractie aangesloten, hoewel ze geen lid waren van de EVP als pan-Europese partij. De ECR stond ook geen harde maar een gematigde eurosceptische lijn voor, zodat Fidesz daar wel bij gepast zou hebben.

Dat Fidesz tot nu toe bij de EVP gebleven is, werd denkbaar vooral ingegeven door tactische overwegingen. Voor Brusselse maatregelen tegen de Hongaarse regering is immers ook steeds op een of andere wijze de medewerking van de EVP nodig, omdat de pan-Europese partij zo’n belangrijke machtsfactor is binnen de EU. Het lidmaatschap van de EVP heeft wat dat aangaat een voordeel ten opzichte van het lidmaatschap van een kleinere pan-Europese partij als de aan de ECR-fractie verbonden ACRE.

Waarom de EVP Fidesz niet uit de partij zet

Dat Fidesz qua nationaal-conservatief en gematigd eurosceptisch beleid de grenzen opzoekt van wat in de EVP voor acceptabel gehouden wordt, wekt de weerzin van de meest liberale en eurofiele leden van de EVP, daarbij moet vooral gedacht worden aan christendemocraten uit de Benelux en Scandinavië en delen van de Duitse CDU. Daarbij komen de Poolse liberalen van het Burgerplatform, waartoe ook Tusk behoort, die mede gemotiveerd worden door hun eigen verwikkelingen met de huidige Poolse regering van Kaczynski’s partij ‘Recht en Gerechtigheid’, waarmee Orbán de laatste tijd nadrukkelijker dan voorheen relaties onderhoudt.

In andere delen van Europa deelt centrumrechts het ongemak van de Noord-Europese christendemocraten echter niet. Politici van Forza Italia of Les Républicains staan net zo goed gereserveerd tegenover bepaalde onderdelen van de Europese integratie als Orbán. Men is in ieder geval veel minder genegen om Fidesz uit de EVP te zetten, men heeft er belang bij om ideologische diversiteit en nuances binnen de pan-Europese partij te laten bestaan, aangezien men voor zichzelf ook graag de vrijheid behoudt om op punten af te wijken van de partijlijn. Verder zijn er ook warme persoonlijke banden tussen Orbán en diverse andere regerings- of partijleiders binnen de EVP.

Daarnaast zijn er ook voor EVP-functionarissen zoals partijvoorzitter Joseph Daul tactische overwegingen. Zo is de EVP-fractie in het Europees Parlement met 216 zetels 27 zetels groter dan de centrumlinkse S&D-fractie. Fidesz en KDNP hebben 12 zetels. Om deze te missen zou dus wel een significante vermindering van het gewicht van de EVP-fractie kunnen zijn. Het aantal zetels van alle in de EVP geaggregeerde partijen fluctueert natuurlijk van EP-verkiezing tot -verkiezing, zodat het de EVP in een komende zittingsperiode wel eens de positie als grootste fractie zou kunnen kosten als ze de inbreng van Fidesz moet versmaden.

Daarnaast zou het betekenen dat de belangrijkste pan-Europese partij politiek niet meer vertegenwoordigd zou zijn in Hongarije. Of men zou er voor moeten kiezen om Fidesz wel en KDNP niet uit de EVP te zetten. Het is echter de vraag of de KDNP zich tegen Fidesz uit zou laten spelen door de EVP. Het is namelijk de vraag of de Hongaarse christendemocraten zonder het blok met Fidesz wel boven de kiesdrempel uit zouden komen.

Blijf op de hoogte van nieuws, opinie en achtergronden: Volg Novini!


Waar het waarschijnlijk op uit loopt

Fidesz zal er uit zichzelf niet snel voor kiezen uit de EVP te stappen, omdat het lidmaatschap van de Europese Volkspartij een goede manier biedt om banden te onderhouden met bevriende politici en het bovendien de Hongaarse regering bij omstreden maatregelen enigszins uit de wind houdt.

De druk op Fidesz zal binnen de Europese Volkspartij echter aanhouden, dat zal waarschijnlijk betekenen dat de Hongaarse regering ook in deze zaken wat water bij de wijn zal doen. Te verwachten is dat de wet ten aanzien van buitenlandse hoger onderwijsinstellingen nog afgezwakt wordt of tenminste enige soepelheid wordt betracht in de uitvoering. Het is niet te verwachten dat de Central European University zal hoeven sluiten. Waarschijnlijk kan deze onder voorwaarden blijven voortbestaan. Er zal ook wel eurokritische retoriek blijven klinken uit Hongaarse regeringskringen, maar de soep wordt niet zo heet gegeten als ze wordt opgediend.

De vraag of Fidesz wel bij de Europese Volkspartij kan blijven zal echter boven de markt blijven hangen. Orbáns Poolse vrienden van ‘Recht en Gerechtigheid’ zouden Fidesz er waarschijnlijk graag bij hebben in de ECR-fractie van het Europees Parlement, zeker als de Britten er straks niet meer zijn en het leiderschap logischerwijs van de Polen verwacht mag worden – zij vormen dan immers veruit de grootste resterende nationale delegatie in de ECR. Het alternatief dat de Polen zich bij de EVP-fractie aansluiten en de ECR uiteenvalt is steeds minder waarschijnlijk geworden. De Polen hebben wel herhaaldelijk overwogen aansluiting te zoeken bij de EVP, maar hebben zichzelf – niet alleen bij het Burgerplatform – onmogelijk gemaakt door een tegenkandidaat voor het voorzitterschap van de Europese Raad naar voren te schuiven om een tweede termijn van Tusk te verhinderen.

Share.

Over de auteur

Jonathan van Tongeren

Jonathan van Tongeren studeerde Internationale Betrekkingen en Slavistiek, was van 2006-2010 secretaris-generaal van het European Christian Political Youth Network (ECPYN) en is eindredacteur van Novini. Verder is hij redacteur bij uitgeverij De Blauwe Tijger.

Comments are closed.