De islamistische terroristen die op Paaszondag een reeks aanslagen pleegden op Sri Lanka behoorden vermoedelijk tot een relatief jonge organisatie die banden onderhoudt met IS. Sri Lanka is overwegend boeddhistisch, maar de terroristen pleegden hun aanslagen op christelijke en internationale doelen. 

Inmiddels bestaat er in bijna ieder Aziatisch land een islamitische terroristische groepering die tot zware aanslagen in staat is. Sinds Paaszondag is dit ook van het overwegend boeddhistische Sri Lanka duidelijk. Moslims maken op de eilandstaat maar iets minder dan tien procent van de bevolking uit.

Tien jaar geleden liet Sri Lanka een 26 jaar aanhoudende bloedige burgeroorlog tussen Singalezen en Tamils achter zich. Nu keert het dodelijke geweld door buitenlands geïnspireerd en gefinancierd jihadisme weer terug op het eiland aan de zuidpunt van het Indisch subcontinent. De manifestatie van een islamistische terroristische groepering in het religieuze kruitvat dat Sri Lanka toch al is, voorspelt weinig goeds.

Blijf op de hoogte van nieuws, opinie en achtergronden: Volg Novini!


Moulvi Zahran Hashim

Volgens informatie van de Sri-Lankese geheime dienst was de aanvoerder van de islamistische JTW (titelafbeelding), een van de aanslagplegers van Paaszondag. Eerder verspreidde hij zonder problemen talrijke boodschappen via YouTube.

Zelfmoordterroristen

De verantwoordelijkheid voor de bomaanslagen op drie kerken en vier hotels in of nabij de hoofdstad Colombo en in Batticaloa, waarbij 253 mensen vermoord werden, is inmiddels opgeëist door IS. Uitgevoerd werden de dodelijke aanslagen tegen christenen en buitenlanders echter door zelfmoordterroristen van de lokale groepering Jama’at at-Tawhid al-Wataniyah (Nationale Organisatie voor Monotheïsme, JTW). De aanvoerder daarvan, Moulvi Zahran Hashim, was reeds bekend als haatprediker en zou zich bij de aanslagen zelf eveneens opgeblazen hebben.

Radicale afsplitsing

De organisatie geldt als bijzonder radicale afsplitsing van de Sri Lanka Thowheeth Jama’ath (SLTJ). Die laatste kreeg tot nog toe vooral bekendheid door de retoriek van leider Abdul Razik en geweld tegen boeddhistische heiligdommen. De afsplitsing JTW deed voor het eerst van zich horen in juli 2017 door beledigende uitlatingen over boeddha.

Contacten met IS

Later knoopte de organisatie contacten aan met IS. Meer dan 30 jonge mannen uit Sri Lanka zouden in Syrië en Irak voor de terreurmilitie gevochten hebben. Onder hen was Mohammad Muhsin Nilam alias Abu Shurayh al-Silani, die in juli 2015 bij Raqqa om het leven kwam. De regering in Colombo gaat er dan ook terecht vanuit dat de aanslagplegers steun uit het buitenland kregen.

Christenen in plaats van boeddhisten

Ondanks deze feiten, betwijfelen veel deskundigen, bijvoorbeeld de econoom dr. Nishan de Mel van de denktank Verité Research dat de JTW achter de aanslagen zit. Ze wijzen daarbij vooral op de diepe vijandschap tussen boeddhisten en moslims in Sri Lanka. Christenen vormen slechts een kleine minderheid in de eilandstaat.

Wereldwijde aandacht

Mogelijk heeft JTW echter omdat het een relatief jonge organisatie is voor christelijke en internationale doelwitten gekozen. Dit om wereldwijde aandacht te trekken en op te vallen bij potentiële sponsors in de Arabische wereld. Als er alleen boeddhisten om het leven waren gekomen, was dat minder opzienbarend geweest, gezien de reeds langer bestaande vijandigheid tussen boeddhisten en moslims in Sri Lanka. Dat JTW in de toekomst alsnog aanslagen op boeddhisten of hindoes pleegt, is uiteraard allerminst uitgesloten.

Religieus kruitvat

De christenen in Sri Lanka reageerden tot nog toe op alle religieus gemotiveerde provocaties en geweld  met het benadrukken van hun vreedzaamheid. Onder de boeddhisten formeerde zich daarentegen steeds meer weerstand tegen de toenemende islamistische activiteiten. De autochtone meerderheid wil geen nieuwe moskeeën die door Arabieren met oliedollars gefinancierd worden. Ook leidt het toenemende aantal bekeringen tot de islam tot ergernis. Verder vrezen de boeddhistische Singalezen door het hogere geboortecijfer van de moslims, die meestal van Tamil-afkomst zijn, in de toekomst een minderheid te worden.

Rellen tussen moslims en boeddhisten

Onder deze omstandigheden kan een aanslag maar ook een onschuldig incident eenvoudig het lont in het kruitvat zijn. Dit bleek bijvoorbeeld toen op 22 februari 2018 een Singalese vrachtwagenchauffeur in Karaliyadda per ongeluk het spatbord van een riksja beschadigde. Hij werd daarop door vier islamitische jongeren dermate hard in elkaar geslagen dat hij op 2 maart in het ziekenhuis van Kandy overleed. Kort daarop ontbrandden heftige straatgevechten tussen moslims en boeddhisten. Daarbij kwam nog een Singalees om het leven en gingen zowel boeddhistische tempels als moskeeën in vlammen op. De regering in Colombo kon de situatie destijds alleen de baas worden door de inzet van het leger, blokkering van sociale media en invoering van een tiendaagse noodtoestand. Driekwart jaar later namen moslims revanche voor het geleden “onrecht”, door boeddhistische standbeelden in Kegalle te vernielen. Die actie werd toegeschreven aan Sri Lanka Thowteeth Jama’ath (SLTJ, zie boven).

Boeddhistisch geweld tegen christenen

Christenen, die op Sri Lanka met zo’n acht procent een kleine minderheid van de bevolking vormen, worden in de eilandstaat niet alleen door moslims vijandig bejegend, maar ook door de boeddhistisch-Singalese meerderheidsbevolking. Deze wil een religieus homogene staat en valt christenen, vooral bekeerlingen, bij talrijke gelegenheden aan.

In 2018 waren er al met al 86 overvallen op christelijke kerken, gelovigen en geestelijken. In 2019 waren het er tot nog toe al 26. Keer op keer scholen groepen van soms honderden mensen voor de kerken samen om diensten te verstoren, zoals in 2018 in Beliatta. Dikwijls regent het daarbij (doods)bedreigingen. Vaak worden er stenen tegen de gevel en door ramen gegooid. Begin 2017 werd het Kithu-Sevana-gebedscentrum in Paharaiya in het noordwesten van Sri Lanka compleet vernield door een boeddhistische menigte. En afgelopen Palmzondag sloegen inwoners van Kumbichchikulama de methodistische bisschop Asiri Perera in elkaar toen hij voor de eredienst bij de kerk aankwam.

Ultranationalistische boeddhistische organisaties

Aanvallen zoals deze worden in de regel niet door islamisten gepleegd, maar door boeddhisten onder aanvoering van ultranationalistische monniken. Velen van hen verzamelen zich in tot geweld bereid zijnde organisaties als Bodu Bala Sena (Boeddhistische Strijdmacht) en Sinha Le (Leeuwenbloed). Deze genieten vaak de stilzwijgende goedkeuring van de lokale overheid. Een en ander voorspelt weinig goeds voor de toekomst van de christenen op Sri Lanka. De door buitenlandse salafisten geïnspireerde en gefinancierde terroristische activiteiten komen daar nog bij.

1e eeuw na Christus

Het christendom werd al in de 1e eeuw na Christus naar het huidige Sri Lanka gebracht. De apostel Thomas bezocht toen namelijk Kerala en Tami Nadu in het zuiden van India. Een 6e-eeuwse bron bevestigt de aanwezigheid van een Nestoriaanse gemeenschap op het eiland. In de 15e eeuw arriveerden de eerste Portugese missionarissen. Onder het Nederlandse bewind zou zo’n twintig procent van de inwoners van Ceylon christen zijn geweest. In de 18e eeuw namen de Britten het eiland over, zodat de christenen op Sri Lanka naast katholieken nu vooral anglicanen en methodisten tellen.

 

Steun Novini!

Doe een donatie aan Novini en blijf nieuwe bijdragen mogelijk maken!

Doneer nu!

 

Over de auteur

Jonathan van Tongeren

Jonathan van Tongeren studeerde Internationale Betrekkingen en Slavistiek, was van 2006-2010 secretaris-generaal van het European Christian Political Youth Network (ECPYN) en is eindredacteur van Novini. Verder is hij redacteur bij uitgeverij De Blauwe Tijger.