11 augustus was de nationale feestdag van de Weimar-republiek. Op deze dag in 1919 muteerde het voormalige keizerrijk Duitsland tot een federatieve republiek met een gemengd presidentieel en parlementair regeringssysteem. Deze wissel werd symbolisch voltrokken door de ondertekening van de nieuwe constitutie door het toenmalige staatshoofd.

Als Reichspräsident Friedrich Ebert (SPD) iets niet uit kon staan, waren het wel pompeuze ceremonies in de stijl van het in 1918 ten onder gegane keizerrijk. Derhalve nam hij op 11 augustus geheel onpretentieus plaats aan de eettafel van de jagerskamer van zijn vakantieverblijf Weißer Hirsch in het kleine Thüringse plaatsje Schwarzburg, nabij Rudolstadt. Daar ondertekende hij de door de Nationalversammlung in Weimar vastgestelde ‘constitutie van het Duitse rijk’. Deze ‘plechtigheid’ verliep dermate onopvallend dat er zelfs geen foto van is.

Vormgeving constitutie van Weimar duurde zeven maanden

Drie dagen later trad de constitutie in werking met de publicatie in het Reichsgesetzblatt. Daarmee eindigde een zeven maanden durend proces, waarin de uiteenlopende politieke krachten in Duitsland, na een ternauwernood voorkomen radicaal-socialistische revolutie, om inhoudelijke vormgeving van de constitutie gestreden hadden. Aan het begin van dat proces stond de verkiezing van de grondwetgevende Nationalversammlung van 19 januari 1919, waaruit Eberts partij als sterkste naar voren kwam. Daarop vormde de sociaaldemocratische SPD samen met de katholieke Zentrumspartei en de links-liberale Deutsche Demokratische Partei (DDP) de coalitie van Weimar.

Blijf op de hoogte van nieuws, opinie en achtergronden: Volg Novini!


Weimar in plaats van het onrustige Berlijn

Deze heette zo, omdat de Nationalversammlung niet in het onrustige en onveilige Berlijn, maar in het Duitse Nationale Theater in Weimar vergaderde. Hier nam ze op 10 februari 1919 een wet over het voorlopige rijksgezag aan, dat het kader schiep voor de toekomstige staatsorganen en hun verantwoordelijkheden afbakende. 14 dagen later begonnen de onderhandelingen over de precieze vormgeving van de constitutie voor het nu republikeinse Duitsland.

Conservatieven versus republikeinen

Het eerste ontwerp stamde in hoge mate uit de pen van de staatssecretaris van Binnenlandse Zaken Hugo Preuß (DDP) en leidde tot fel debat. Daarbij lag het front begrijpelijkerwijs tussen de afgevaardigden die zo dicht mogelijk bij de traditionele regelingen uit de tijd van de monarchie wilden blijven enerzijds, en de parlementariërs die een compleet nieuwe, gedecideerd republikeinse constitutie nastreefden. De laatsten waren in de meerderheid en wonnen uiteindelijk. Op 31 juli 1919 nam de Nationalversammlung in Weimar het definitieve ontwerp voor de constitutie met 262 stemmen voor en 75 stemmen tegen aan. 84 afgevaardigden namen niet aan de stemming deel.

Rijkspresident Ebert op vakantie

Rijkspresident Friedrich Ebert (foto: Bundesarchiv)

Twee dagen daarvoor was de op 11 februari 1919 tot voorlopige rijkspresident gekozen Ebert naar Schwarzburg gekomen. Want daar hoopte hij, bewaakt door 13 man, na de turbulente gebeurtenissen van de afgelopen maanden weer een beetje op adem te komen. Deze vakantie werd echter doorlopend onderbroken door geïmproviseerde kabinetsvergaderingen met vanuit Weimar afgereisde ministers en dus door de ondertekening van de nieuwe constitutie.

Constitutie van Weimar loste die van Bismarck af

Het in Weimar ontstane document loste de Reichsverfassung van Bismarck van 16 april 1871 af en bestond uit twee hoofddelen. In het eerste werden de verantwoordelijkheden van het rijk onderscheiden van die van de deelstaten en de bevoegdheden van de staatsorganen vastgesteld. Het tweede deel bevatte regelingen over de verhouding tussen de staat en de burgers, waaronder een omvattende grondrechtencatalogus. De nieuwe constitutie berustte enerzijds op het principe van de volkssoevereiniteit, zodat de Duitsers de mogelijkheid kregen door middel van petities en referenda op rijksniveau direct in te grijpen in het wetgevend proces. Anderzijds bezat de direct gekozen rijkspresident dermate omvattende volmachten, dat hij haast een soort substituut voor de keizer werd. Zo kon de president zowel de leden van de rijksregering benoemen en ontslaan en de Rijksdag ontbinden, als ook grondrechten buiten werking stellen en noodverordeningen uitvaardigen wanneer de rijksvrede in gevaar leek.

Leidde constitutie van Weimar tot machtsovername door Hitler?

In de optiek van veel historici bevatte de constitutie van Weimar daarmee twee zware ‘constructiefouten’, die dan tot de ondergang van de republiek en de opkomst van de nationaal-socialisten geleid zouden hebben. Uiteindelijk was echter het concrete handelen van de politieke actoren beslissend, of deze regelingen negatieve of positieve effecten zouden hebben. Men kan dan ook met recht stellen dat de Weimarrepubliek niet aan zijn constitutie te gronde ging, maar aan de ontbrekende bereidheid van de meeste verantwoordelijken om voor de geest en de letter ervan in te staan.

Toespraak van rijkskanselier Adolf Hitler over de Ermächtigungsgesetz op 23 maart 1933 (foto: Bundesarchiv)

Nationaal-socialisten schaften constitutie van Weimar niet af

Anders dan veelal verondersteld stelden de nationaal-socialisten de constitutie van Weimar nadat zij aan de macht kwamen nooit expliciet buiten werking. Maar het kwam op wezenlijke punten wel tot aanpassing. Bijvoorbeeld door de zogeheten Ermächtigungsgesetz van 23 maart 1933 en de wet over het staatshoofd van het Duitse rijk van 1 augustus 1934.

Bondsrepubliek Duitsland en Deutsche Demokratische Republik

De constitutie van Weimar trad pas buiten werking door de vaststelling van de grondwet van de Bondsrepubliek Duitsland respectievelijk de constitutie van de Duitse Democratische Republiek in 1949. Overigens afgezien van het feit dat enkele artikelen uit 1919 min of meer onveranderd werden overgenomen in de West-Duitse grondwet. Daarbij ging het met name om de bepalingen over religie en religieuze gemeenschappen en de omgang met adellijke titels.

Geen direct gekozen president en referenda meer, wel kiesdrempel

Daarnaast beïnvloedde de constitutie van Weimar de grondwet van de Bondsrepubliek in zoverre, dat de laatste op veel punten bewust het tegendeel moest zijn van de regelingen van 1919. De in de toekomst niet meer door het volk gekozen bondspresident bezat geen noemenswaardige bevoegdheden meer. Verder werd ook de mogelijkheid om op federaal niveau referenda te houden extreem ingeperkt. Dat waren even duidelijk stappen terug inzake democratie als het principieel mogelijk maken van de kunstmatig verhoogde kiesdrempel van vijf procent, waardoor in iedere federale verkiezing miljoenen stemmen buiten beschouwing blijven in de zetelverdeling van de Bondsdag.

Steun Novini!

Doe een donatie aan Novini en blijf nieuwe bijdragen mogelijk maken!

Doneer nu!

 

Over de auteur

Jonathan van Tongeren

Jonathan van Tongeren studeerde Internationale Betrekkingen en Slavistiek, was van 2006-2010 secretaris-generaal van het European Christian Political Youth Network (ECPYN) en is eindredacteur van Novini. Verder is hij redacteur bij uitgeverij De Blauwe Tijger.