In de handelsstrijd tussen de Verenigde Staten en de Europese Unie is een nieuw hoogtepunt bereikt. Washington en Brussel verwijten elkaar ongeoorloofde staatssteun te hebben gegeven aan de respectievelijke vliegtuigbouwers Airbus en Boeing. Een Chinees staatsbedrijf zou wel eens de lachende derde kunnen zijn.

USTR Robert Lighthizer

Als vergelding voor de staatssteun voor de vliegtuigbouwer Airbus heeft de regering van de Amerikaanse president Donald Trump in de handelsstrijd met de EU nieuwe invoerheffingen aangekondigd. Op een voorlopige lijst die handelsvertegenwoordiger (USTR) Robert Lighthizer bekend gemaakt heeft, staan producten uit de EU als vliegtuigonderdelen, helikopters en verrekijkers, maar ook zuivelproducten en wijn. Door heffingen op deze producten wil Washington zo’n elf miljard USD binnenhalen. Kort na de bekendmaking van de lijst twitterde Trump er achteraan: “De EU heeft de VS in de handel jarenlang uitgebuit. Dat zal snel ophouden!” De Europese Commissie noemde de aangekondigde heffingen “sterk overdreven” en kondigde van haar kant tegenmaatregelen op Amerikaanse producten aan.

Staatssteun

Het conflict over staatssteun voor vliegtuigbouwers suddert inmiddels al 15 jaar, om van tijd tot tijd op te laaien. Tot 2004 was een akkoord van kracht dat staatssteun voor grote civiele vliegtuigen regelde. Beide zijden waren daarin overeengekomen dat de staatssteun maximaal een derde van de ontwikkelingskosten mocht bedragen. Onder druk van de toenmalige directeur van Boeing Harry Stonecipher zegden de VS het akkoord op. Sindsdien houdt de Wereldhandelsorganisatie (WTO) in Genève zich met de kwestie bezig. De WTO is inmiddels tot de conclusie gekomen dat beide zijden de regels hebben geschonden.

Blijf op de hoogte van nieuws, opinie en achtergronden: Volg Novini!


Wereldhandelsorganisatie

Zo kan president Trump zich in de huidige twist op het WTO-oordeel uit mei 2018 beroepen. De WTO was tot de conclusie gekomen dat Airbus een illegaal startkapitaal had ontvangen voor de bouw van zijn toestellen. Twistpunt waren hierbij leningen die landen met productielocaties van Airbus, zoals het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, Frankrijk en Spanje aan de Europese vliegtuigbouwer verstrekt hadden.

Eind maart oordeelde de WTO echter ook dat de Amerikaanse regering de eis niet nagekomen is om alle belastingvoordelen voor Boeing in te trekken. Daarbij gaat het vooral om miljarden zware belastingontheffingen in de staat Washington, waar veel eindmontagelijnen van Boeing gevestigd zijn. Op deze conclusie beroept zich nu de EU bij haar aankondiging van tegenmaatregelen.

China de lachende derde?

De Franse minister van Economische Zaken Bruno Le Maire

Vliegtuigbouwers in China en Rusland zouden wel eens de lachende derde kunnen zijn. De Franse minister van Economische Zaken Bruno Le Maire waarschuwde: “Een strijd tussen Boeing en Airbus zou absurd zijn, aangezien de branche sterk vervlochten is. We zijn voor een reeks componenten op elkaar aangewezen.” In Le Maires optiek zou bij een escalatie van de handelsstrijd tussen Airbus en Boeing de Chinese vliegtuigbouwer Commercial Aircraft Corporation of China (Comac) profiteren. Dit staatsbedrijf probeert met Russische hulp in China een vliegtuigindustrie op te bouwen die op de wereldmarkt kan concurreren.

Twee jaar geleden kreeg met de C919 China’s eerste grote passagiersvliegtuig zijn luchtdoop. De C919 is bedacht als concurrerend product voor de Boeing 737 en de Airbus A320. Inmiddels heeft Comac ook het project opgevat om een passagiersvliegtuig voor lange afstanden te ontwikkelen. In Rusland loopt een mede door de staat gefinancierd project van vliegtuigbouwer Irkut om met het passagiersvliegtuig MC-21 Airbus concurrentie aan te doen. Tot nog toe wordt de wereldmarkt voor civiele passagiersvliegtuigen beheerst door Boeing en Airbus. De concurrentie uit China en Rusland zou op de langere termijn een aandeel kunnen veroveren op de wereldmarkt.

Boeings bestseller gestrand

Steun in de rug krijgen de vliegtuigbouwers Comac en Irkut bij hun inhaaljacht niet alleen door de oplaaiende twisten over staatssteun tussen Washington en Brussel. Airbus-concurrent Boeing zit momenteel namelijk ook in een crisis door de problemen met zijn model 737 MAX 8. Na het neerstorten van twee vliegtuigen van dit type in Indonesië en Ethiopië staan de overige toestellen van de type wereldwijd aan de grond. Het op zuinig kerosineverbruik gemaakte toestel gold tot nog toe als bestseller van Boeing. Het concurrentiemodel van Airbus is de A320neo, dat eveneens goed verkoopt.

Een Boeing 737 MAX 8 landt in Calgary, Canada. Momenteel staan de toestellen wereldwijd aan de grond (foto: Acefitt).

Aandeelhouders willen na het neerstorten van de vliegtuigen de Amerikaanse vliegtuigbouwer aanklagen. Volgens een groot advocatenkantoor verwijten de investeerders het luchtvaartconcern beslissende feiten over de 737 Max-serie achtergehouden te hebben. Voor de vliegtuigbouwer uit Seattle dreigen daarnaast aansprakelijkstellingen door de nabestaanden van de slachtoffers. De beurswaarde van Boeing is na de beide rampen tijdelijk met 30 miljard USD teruggelopen. Boeing is het grootste exportbedrijf van de Verenigde Staten.

Steun Novini!

Doe een donatie aan Novini en blijf nieuwe bijdragen mogelijk maken!

Doneer nu!

 

Over de auteur

Jonathan van Tongeren

Jonathan van Tongeren studeerde Internationale Betrekkingen en Slavistiek, was van 2006-2010 secretaris-generaal van het European Christian Political Youth Network (ECPYN) en is eindredacteur van Novini. Verder is hij redacteur bij uitgeverij De Blauwe Tijger.