Dertig jaar geleden gaf Kurt Hager, partijideoloog van de Socialistische Eenheidspartij van Duitsland (SED), een opmerkelijk interview aan het tijdschrift Stern. De DDR-politicus maakte in april 1987 duidelijk wat hij van de hervormingen in de Sovjet-Unie vond. Het doet denken aan de manier waarop veel vertegenwoordigers van de huidige Duitse politiek tegen Donald Trump aankijken.

“Zou u zich, wanneer uw buren nieuwe vloerbedekking in hun woning lieten leggen, verplicht voelen in uw woning eveneens niet tapijt te laten leggen?”, aldus Hager destijds. Dat Hager het perestrojka-beleid van Michail Gorbatsjov afviel, bracht hem tussen de Elbe en de Oder niet alleen de bijnaam ‘Tapeten-Kutte’.

Voor de Duitsers in de DDR was de openlijke distantiëring van het voorbeeld dat Moskou gaf een signaal zonder weerga. Decennia lang was de leuze ‘Von der Sowjetunion lernen, heißt siegen lernen’ een centraal bestanddeel van de SED-propaganda geweest. De distantiëring van de DDR-leiding tegenover de leiding van de Sovjet-Unie sinds het aantreden van Gorbatsjov in 1985 was tegen deze achtergrond een opmerkelijk gebeuren. Dertig jaar later lijkt er ook in de politieke elite van de Bondsrepubliek Duitsland, net als in andere West-Europese landen, een dergelijk vervreemdingsproces op gang te komen – ditmaal in relatie tot de leidende staat van het Westen.

Blijf op de hoogte van nieuws, opinie en achtergronden: Volg Novini!


Bij de viering van het 40-jarig bestaan van de DDR maande Gorbatsjov (2e van links) de DDR-leiding tot navolging van zijn ‘Perestrojka’. Erich Honecker (3e van links) wilde daar niets van weten: “We hervormen hier al 40 jaar.” (foto: Bundesarchiv/Klaus Franke).

Op het eerste gezicht zijn er zwaarwegende verschillen: Donald Trump werd door democratische verkiezingen president van de Verenigde Staten van Amerika. Gorbatsjov belandde als lid van de communistische nomenclatuur en als beschermeling van KGB-directeur Joeri Andropov in het hoogste ambt van de Sovjet-Unie. Als men echter voorbij ziet aan het politieke systeem, het economische model en de waardecanon, dan wordt allengs ook een overeenkomst zichtbaar. In de Koude Oorlog stonden twee supermachten met mondiale pretenties tegenover elkaar. Zowel de VS als de Sovjet-Unie schiepen daarbij invloedssferen die zich tot ver buiten hun landsgrenzen uitstrekten.

In het geval van de Sovjet-Unie leidde dit tot economische uitputting, mede door te grote imperialistische uitdijing (denk bijvoorbeeld aan Afghanistan). Uitlatingen van de nieuwe Amerikaanse president zoals “We kunnen niet de politieagent voor de hele wereld zijn”, laten concluderen dat ook in Washington inmiddels het gevaar van een imperial overstretch, uitputting van de eigen krachten, gezien wordt.

Met de verkiezing van Trump tot nieuwe president van de Verenigde Staten zijn punten ter discussie komen te staan, die voor vertegenwoordigers van de Trans-Atlantische denkschool decennia lang als onwrikbare feiten golden. Zo noemde Trump de NAVO in een interview “achterhaald”. Zelfs een handelsoorlog tussen de VS en exportland Duitsland lijkt niet meer uitgesloten. Peter Navarro, Trumps belangrijkste adviseur in handelskwesties, bekritiseerde onlangs dat Duitsland als grootste economie van Europa zou profiteren van een te zwakke euro die zijn exportproducten in het buitenland goedkoper maakt.

Europese politici van de Trans-Atlantische school hopen dat politici als vice-president Mike Pence, hier op de Veiligheidsconferentie in München, Trumps buitenlandbeleid in hun richting bijsturen.

De reacties van Duitse politici op het nieuwe geluid uit Washington vallen heel verschillend uit. Te horen is enerzijds de hoop dat Trump door leden van zijn regering of krachten binnen de Republikeinse partij op een andere koers gebracht zou kunnen worden. Nog vaker wordt inmiddels echter gesproken over voorstellen om uit de crisis in de Trans-Atlantische relaties te komen door nog zwaarder in te zetten op de Europese integratie. “Nu moet de weg gebaand worden voor een Europees leger”, stelde bijvoorbeeld Volker Kauder, fractievoorzitter van CDU/CSU in de Bondsdag.

In ieder geval heeft de machtswisseling in Washington in Europa tot het besef geleid dat er inzake bondgenootschappen geen eeuwigheidsgarantie is; dat er – om met Charles de Gaulle te spreken – in de betrekkingen tussen staten geen vriendschappen maar slechts belangen zijn.

Wat wil Trump eigenlijk?

Wat de nieuwe Amerikaanse president van zijn aangekondigde buitenlandbeleid daadwerkelijk ten uitvoer zal brengen, valt te bezien. Donald Trump heeft de NAVO inmiddels immers niet alleen “achterhaald” genoemd, maar ook verklaard dat hij de NAVO “heel belangrijk” vindt. Ook Trumps uitlatingen over Rusland zijn niet eenduidig. Tijdens de campagne gaf de Republikeinse presidentskandidaat aan dat hij voor samenwerking met Rusland was. Nu hij verkozen is, roept Trump het Kremlin op de Krim aan Oekraïne terug te geven. De veelvuldige tegenstrijdigheden in de uitspraken van de nieuwe president zijn verklaarbaar vanuit zijn beroepsmatige loopbaan: Trump onderhandeld niet als een klassiek politicus of diplomaat, maar als een zakenman die een confrontatie zoekende onderhandelingsstijl praktiseert. Met tegenstrijdige uitspraken onberekenbaarheid te laten zien kan onderdeel zijn van een dergelijke strategie, om daarmee grotere speelruimte te scheppen in toekomstige onderhandelingen.

Ten aanzien van het internationale veiligheidsbeleid hebben Trumps uitspraken inmiddels het nodige in gang gezet. Binnen de NAVO wordt weer intensief gediscussieerd over een reeds in 2002 genomen, maar grotendeels onuitgevoerd besluit. Destijds werd overeengekomen dat iedere NAVO-lidstaat twee procent van zijn Bruto Binnenlands Product aan Defensie uit zou geven. Tot nog toe halen slechts enkele staten dit doel.

Ook in Duitsland wordt het effect van Trumps onderhandelingsstijl inmiddels zichtbaar. De nieuwe minister van Buitenlandse Zaken Sigmar Gabriel (SPD) sputtert weliswaar tegen dat ook de bijdragen van Duitsland aan de ontwikkelingshulp en het asielbeleid aan de internationale veiligheid bijdragen. Gabriel moest ook toegeven: “Dat Europa er bij zijn eigen veiligheid en verdediging niet meer op kan rekenen dat Amerika een groot deel van de lasten zal dragen, dat spreekt voor zich.”

Steun Novini!

Doe een donatie aan Novini en blijf nieuwe bijdragen mogelijk maken!

Doneer nu!

 

Over de auteur

Jonathan van Tongeren

Jonathan van Tongeren studeerde Internationale Betrekkingen en Slavistiek, was van 2006-2010 secretaris-generaal van het European Christian Political Youth Network (ECPYN) en is eindredacteur van Novini. Verder is hij redacteur bij uitgeverij De Blauwe Tijger.