In De Groene Amsterdammer van 2 november wekt oud-China-correspondent Jan van der Putten de indruk dat met de recente rede van de Chinese president Xi Jinping op het congres van de Communistische Partij iets fundamenteels veranderd zou zijn aan het Chinese buitenlandbeleid. China zou niet meer streven naar multipolariteit maar naar wereldhegemonie.

“Tot voor kort beweerde Xi [Jinping] dat China slechts streefde naar een multipolaire wereld, waarin het op gelijke voet zou komen te staan met de Verenigde Staten”, aldus de oud-journalist, daarmee implicerend dat dit nu niet meer zo zou zijn. “Met een nieuw narratief zet Xi nu een reuzestap”, aldus Van der Putten even verderop. “In het ‘nieuwe tijdperk’ dat is aangebroken ziet hij voor China de ‘hoofdrol’ weggelegd. De Volksrepubliek wordt een ‘leidende wereldmacht’ met een ‘leger van wereldklasse’.”

Blijf op de hoogte van nieuws, opinie en achtergronden: Volg Novini!


In feite is het uitgroeien van China tot een leidende wereldmacht echter een cruciale factor in het bereiken van een multipolaire wereldorde. In de huidige situatie is de macht van de Verenigde Staten als ‘enige supermacht’ (Brzezinski) weliswaar tanende, maar andere grootmachten kunnen zich nog niet met de VS meten.

“Het is de eerste keer dat de Volksrepubliek zich officieel aandient als wereldleider”, aldus Van der Putten. Dat mag zo zijn, maar dat is volstrekt consistent met het reeds eerder door China verkondigde streven naar een multipolaire wereldorde. Hegemonie is immers een zero-sum-game. In dit ondermaanse is geen enkel land vrij van hegemonie. Er is geen vacuüm mogelijk – afgezien van tijdelijke anarchie, je kunt een hegemoon wel vervangen door een andere. Het doorbreken van de Amerikaanse wereldhegemonie behoort dan ook tot de essentie van het streven naar een multipolaire wereldorde. Multipolariteit houdt in dat er meerdere hegemonen, meerdere wereldmachten zijn die aan elkaar gewaagd zijn en stuk voor stuk een bepaald deel van de wereld domineren, maar dus ook in staat zijn om dat werelddeel te vrijwaren van de inmenging van andere wereldmachten.

Dat is inderdaad iets anders dan “de rol die [China] door de VS was toebedacht: die van responsible stakeholder in de westerse wereldorde“. Zoiets kan men in Washington inderdaad goed verdragen, regionale grootmachten die zich als het er op aan komt (genoodzaakt zien zich te) onderwerpen aan de wil van de ‘internationale gemeenschap’ (dat wil zeggen: de Verenigde Staten en iedereen die zich aan hun zijde stelt).

China ontgroeit en ontworstelt zich geleidelijk aan die positie. Als China zich daadwerkelijk niet alleen op economisch vlak maar ook in wereldpolitieke zin weet te ontwikkelen tot een wereldleider, dan brengt dat een multipolaire wereldorde dichterbij. Niet alleen omdat er dan in Azië een werelddeel vrij van Amerikaanse inmenging zal zijn ontstaan (voor zover het er nu reeds is, kent het nog de nodige zwakke plekken), maar temeer omdat China veel minder dan Amerika geïnteresseerd is in het beïnvloeden van de binnenlandse politieke aangelegenheden van haar handelspartners.

Share.

Over de auteur

Jonathan van Tongeren

Jonathan van Tongeren studeerde Internationale Betrekkingen en Slavistiek, was van 2006-2010 secretaris-generaal van het European Christian Political Youth Network (ECPYN) en is eindredacteur van Novini. Verder is hij redacteur bij uitgeverij De Blauwe Tijger.

Comments are closed.